Categorie: Inspiratie

Tazria | Hemelse energie in vrouwelijke handen

Tazria | Hemelse energie in vrouwelijke handen

Waarom zou een vrouw onrein zijn na de geboorte van een zoon en zelfs tweemaal zo lang na de geboorte van een dochter? Het mysterie dat hierachter schuilgaat bevat een belangrijke boodschap: hoe groter de levenskracht, des te groter de leegte die kan ontstaan.

Download hier een printversie van dit artikel (PDF)

Er zijn drie sleutels die uitsluitend in G-ds handen berusten, sleutels die nooit aan een tussenpersoon of engel worden toevertrouwd. Het zijn de sleutel van de regen, de sleutel van het baren en de sleutel van het herleven der doden. (Talmoed, Taanit 2a). In deze verhandeling richten wij onze aandacht op de tweede sleutel: de geboorte van een kind.

Discriminatie

Onze parasha opent met de wet dat een vrouw, nadat zij een kind had gebaard, twee offers naar de Tempel bracht. Na het baren van een jongen was zij zeven dagen onrein waarna zij zich in een mikwe, een ritueel bad, onderdompelde. Daarna telde ze er nog eens 33 dagen bij. Gedurende deze periode mocht zij noch van de offers eten noch de Tempel betreden. Wanneer zij een meisje had gebaard, dan was de onderdompeling in het ritueel bad pas 14 dagen na de geboorte i.p.v. zeven dagen. Vervolgens telde zij nog eens 66 dagen (i.p.v. 33) om de Tempel weer te mogen betreden. Voor een jongen telde ze dus 7 plus 33 dagen, een totaal van 40 dagen en voor een meisje 14 plus 66 dagen, een totaal van 80 dagen.

Aan het einde van deze onreine periode, op de 41ste dag na de geboorte van een jongen of op de 81ste dag na de geboorte van een meisje, bracht de moeder twee soorten offers naar de Tempel. Een schaap als עולה (Ola), een opgaand offer en een jonge duif of tortelduif als חטאת (Chatat), een zonde-offer.

 

Nu moeten we ons afvragen, waarom zij twee offers moest brengen. Wat is de betekenis hiervan? Het lijkt vooral vreemd dat ze een חטאת (Chatat), een zondeoffer moest brengen. Welke zonde had zij begaan? Ze had na pijnlijke weeën en met zweet en tranen een kind gebaard. Ze heeft het eerste gebod dat in de Torah staat vervuld: ‘Wees vruchtbaar en vermenigvuldigt uzelf!’ Bereeshiet 1- 28.

Zou het baren van een kind dan een overtreding zijn? Natuurlijk niet, integendeel! Waarom wordt zij dan door het baren onrein? En vooral, wat betekent het als iemand onrein is? Ook begrijpen we niet waarom zij tweemaal zo lang onrein is na de geboorte van een meisje. Is hier sprake van discriminatie? Waarom voor een jongetje 40 dagen en voor een meisje 80? Laten we niet zonder kennis van zaken aannemen dat de Joodse vrouw zomaar in een onrein hoekje geplaatst wordt. Niets is minder waar. Binnen het Jodendom wordt de vrouw juist geëerd en gerespecteerd. Wanneer de moeder Joods is, zijn haar kinderen dat automatisch ook. Is alleen de vader Joods, dan zijn de kinderen dat niet. Zij is diegene die bepaalt of haar kinderen het Jodendom erven of niet. Een Joodse man kan dat nooit. De Joodse vrouw staat in hoog aanzien en de vragen worden hierdoor alleen maar sterker: waarom wordt ze bij het baren überhaupt ‘onrein’ en waarom voor een meisje dubbel zo lang?

Mysterie

Alle wetten van reinheid en onreinheid behoren tot de categorie van חוקים (choekim), regels die wij niet begrijpen, net zoals kosher eten of het verbod om wol en linnen samen te dragen. 

De logica van deze regels kunnen wij niet vatten. Wel kunnen wij proberen, gebaseerd op de Kabbalah en de chassidische leer, om deze onverklaarbare wetten op een spirituele manier te bekijken. Het klinkt ingewikkeld maar al gauw zullen wij samen dit mysterie oplossen. Want wat is nu de definitie van טומאה (toema) onreinheid en טהרה (tahara) reinheid?

Heeft onreinheid te maken met viezigheid, stank of besmettelijkheid? Absoluut niet! Toema en tahara zijn geen lichamelijke gesteldheden, maar verwijzen naar spirituele hoedanigheden. 

Spirituele onreinheid is altijd gerelateerd aan de dood of met een afgeleide daarvan. Zo weten wij dat wanneer een priester een lijk aanraakt, of zich zelfs onder hetzelfde dak bevindt als een overledene, hij gedurende zeven dagen de Tempel niet mag betreden. Daarna moet hij nog een volledige reinigingsprocedure ondergaan.De hoogste vorm van onreinheid is die van een menselijk lichaam na het overlijden. Niet alleen een priester, maar ieder mens die een lijk aanraakt, wordt hierdoor onrein. Als onreinheid zo duidelijk samenhangt met de dood dan kunnen we daaruit afleiden dat reinheid gerelateerd is aan het leven.

Wat is leven? Natuurlijk weet iedereen wat leven betekent. Toch willen wij er ons iets meer in gaan verdiepen. We kunnen proberen te begrijpen dat leven op verschillende niveaus kan bestaan.

Een mens kan bestaan of hij kan werkelijk leven.

Hoe sterker een mens verbonden is met zijn levensbron hoe krachtiger hij leeft.  Als een mens zich bewust is van zijn ware essentie, van zijn kosmische levenskracht, en hij het doel waar hij voor geschapen is helder voor ogen houdt, dan is hij diep verbonden met zijn eigen levensenergie. Daarentegen veroorzaakt elke disconnectie van zijn levensbron een vermindering van zijn energie. Net zoals bij de tuinslang, wanneer je deze aansluit maar er een kink in de kabel zit, dan kun je de kraan nog zo wijd opendraaien, toch zal het water alleen druppelsgewijs naar buiten komen. Dit is de definitie van onreinheid: een buis die verstopt is. Je relatie met je levensbron is versperd. De dood is het ultieme gebrek aan levensenergie en tevens de meest intense vorm van onreinheid.

Vacuüm

Wanneer de verbinding tussen de mens en de kern van zijn vitaliteit verzwakt of zelfs  de synchronisatie niet optimaal is, dan spreken wij van een staat van onreinheid. Hij heeft zich dan losgekoppeld van zijn eigen essentie en realiteit, waardoor hij een leegte heeft doen ontstaan. Dit vacuüm is een ideale plek geworden om allerlei ongewilde krachten aan te trekken. En wanneer is deze leegte het grootst? Vlak na een intensief moment van reinheid en verbinding met de Allerhoogste.

Alles wat wij hier op aarde bewerkstelligen zijn slechts veranderingen en verbeteringen op al bestaande creaties. Wij ontwikkelen nieuwe producten aan de hand van reeds bestaande elementen. Nieuwe uitvindingen zijn ontdekkingen van al bestaande entiteiten of een nieuwe combinatie van verschillende existerende componenten. Een timmerman maakt van een boom een tafel en een schoenmaker maakt van de huid van een dier een laars. Een researcher observeert reeds bestaande processen of brengt nieuwe chemische reacties aan het licht. 

Hemelse hoedanigheid

Echter, wanneer een vrouw zwanger is, dan is zij bezig om een nieuw mensje te maken dat nog nooit, in welke vorm dan ook, op aarde is geweest. 

Het is een vaststaand gegeven dat geen twee mensen op aarde volledig identiek zijn, niet in uiterlijk, noch in karakter, intellect of gevoelens. Zelfs tweelingen zijn niet 100% hetzelfde.

Op het moment dat een baby wordt geboren, bevindt de vrouw zich in een staat van bijzondere nabijheid tot G-d. Een baby is immers bijna een G-ddelijke creatie. Hoe zeg je geboorte in het Hebreeuws? Leeda: לידה.  Verdeel je dit woord in tweeën dan krijg je ליד ה (leyad Hashem), wat ‘naast G-d’ betekent.

Bij een geboorte is de moeder bezig om een kind te creëren. Dit is hét moment dat zij G-ddelijkheid op het hoogste niveau mag ervaren en meemaken. Op dat moment is de vrouw bijna geen mens meer. Ze wordt dan zo G-ddelijk als maar mogelijk is. Ze neemt een hemelse hoedanigheid aan. Ze is geen begrensd wezen meer, maar ze schept leven en creëert oneindigheid.Immers, het kind dat zij baart zal op zijn beurt kinderen krijgen, die weer nieuw leven voortbrengen, een keten die zich uitstrekt tot in het oneindige. Wat een energie! Wat een ervaring! Wat een onvoorstelbare kracht!
Alles wat wij in deze wereld doen is begrensd, door tijd, door ruimte, behalve één daad die die grenzen doorbreekt: het krijgen van kinderen.

Wanneer overtreffen wij onze menselijkheid? Wanneer kunnen wij op G-d lijken? Enkel als wij ervoor kiezen om een partner te zijn in de schepping van een nieuw leven. Bij deze gebeurtenis zijn wij naadloos verbonden met de bron van het leven, reinheid op het hoogste niveau.

Onze medici proberen al tientallen jaren te onderzoeken en te analyseren waarom het plezier van geslachtsgemeenschap zo intens is. Verschillende theorieën zijn naar voren gekomen, maar een duidelijke verklaring ontbreekt nog steeds. In de chassidische leer is dit geheim al eeuwen geleden opgeschreven. Op het moment dat man en vrouw samen zijn, creëren zij mogelijkerwijs een oneindig schepsel. Zij gebruiken op dat moment een sleutel niet alleen naar een nieuw leven, maar zelfs naar oneindige vitaliteit.

Krachtig

Man en vrouw hebben zo’n krachtig potentieel dat deze energie in goede banen geleid moet worden om niet verkeerd terecht te komen. Vandaar de noodzaak voor de huwelijksinzegening en de onderdompeling van de vrouw na haar menstruatie in een mikwe (een speciale verzameling van natuurlijk regen of bronwater). Zo constateren wij dat de wereld tijdens de zondvloed volledig werd ondergedompeld in water. Veertig dagen en veertig nachten lang stroomde het neer. Het getal veertig is niet toevallig: het correspondeert precies met veertig se’a (= circa 40 x 10 liter), de minimale hoeveelheid water die vereist is voor een mikwe, het rituele bad dat de reinheid herstelt van wie zich daarin onderdompelt.

Wanneer deze geweldige en intense levensenergie tussen man en vrouw geen richting of begrenzing kent, kan zij afdalen tot de laagste en meest immorele vormen. Als je daarentegen deze kracht stuurt en kanaliseert, gelijk het licht dat via een laser uitgestraald wordt, dan krijg je de geconcentreerde energie daar waar je hem hebben wilt, in een liefdevolle relatie en mogelijkerwijs in een schattig kindje, een wonder in je armen, een toegangspas naar het oneindige. Dit kind is dan in reinheid geboren. Vader en moeder hebben zich beheerst om er uitsluitend voor elkaar te zijn.

Doordat zij zich aan de regels van reinheid gehouden hebben en de vrouw na haar menstruatie het mikwe heeft gebruikt, hebben zij G-d verwelkomd in hun relatie. 

Een geboorte is de grootste openbaring van G-ddelijkheid. Het is een hemelse ervaring, een ultiem plezier dat een grote spirituele ervaring weergeeft.

Wanneer een vrouw zwanger is, vinden zeer intensieve veranderingen plaats in haar lichaam. Vanaf de bevruchting tot de bevalling heeft deze dame een dubbelleven in zich, een extra levenskracht.

Leegte

Maar nu komt de valstrik, namelijk het gevoel en de staat na de bevalling. De moeder, hoe blij ook, wordt geconfronteerd met een enorm gevoel van leegte. De weeën en toevoer van gigantische hoeveelheden adrenaline, die nodig waren om dit nieuwe leven naar buiten te brengen, zijn ineens gestopt. Het extra leventje is weg. 

Ook hier vinden wij in de chassidische leer een verklaring op spiritueel niveau voor het fenomeen dat Postnatale Depressie heet. Voor sommige dames is het contrast tussen de extra levensenergie die zij bij zich droegen en het abrupte einde te veel om te verwerken. Natuurlijk spelen hormonen en vermoeidheid een rol. Maar er bestaan ook spirituele hormonen. De vrouw bevindt zich ineens in een leegte en ze heeft tijd nodig om een nieuw evenwicht te vinden.

Velen van ons maken gelijksoortige ervaringen mee. Men bereidt zich voor op een groot evenement, een bijzondere verjaardag, een bruiloft, een examen, een project of een speciale reis. Wekenlang ben je bezig en je bereikt uiteindelijk het ultieme moment. De volgende dag heb je nog wat opruimwerk, maar wat gebeurt er daarna? Je maakt een enorm dieptepunt mee en niet iedereen is altijd in staat om dit contrast te overbruggen. Een vrouw raakt een hemelse plek wanneer ze baart. Wanneer deze intense ervaring en alle bijbehorende emoties voorbij zijn, ontstaat er een gigantische leegte en een gebrek aan vitaliteit.

Opvullen met ongewilde zaken

Het Joodse volk maakte iets soortgelijks mee bij het ontvangen van de Torah op de berg Sinaï. Na die ongekende openbaring verviel men echter tot het aanbidden van het gouden kalf. Wat was hier gaande? Een overweldigende spirituele ervaring werd gevolgd door een diepe leegte. Ineens was Moshe verdwenen… en wat resteerde, was een leegte, een groot vacuüm.

Wanneer een krachtige hemelse ervaring eindigt, ontstaat er een gat dat al gauw met ongewilde zaken wordt opgevuld.

Onreinheid heeft niets met viezigheid te maken. Onreinheid is het gebrek aan leven, aan energie en aan levenskracht. Vandaar dat je ‘s ochtends, wanneer je wakker wordt, je je handen om en om met een speciale beker met water overgiet. In je slaap ga je als het ware een beetje dood. Je verliest controle over een deel van je lichaam en je bent eigenlijk een beetje weg. Onze geleerden vertellen ons dat slaap één zestigste van de dood is. Het is een milde vorm van onreinheid.

Hetzelfde proces vindt plaats wanneer een vrouw menstrueert. Haar lichaam heeft zich voorbereid op nieuw leven; zij had geovuleerd. In haar baarmoeder had zich bloed verzameld om een mogelijk embryo te voeden. Maar dat nieuwe leven is niet tot stand gekomen. Er is een leegte ontstaan en dát is de definitie van onreinheid. Het is het vacuüm dat ontstaat juist na een moment van verhoogde levenskracht.

Hoe wordt deze leegte hersteld? Hoe vullen wij haar op een positieve manier? Door middel van water, de bron van alle vitaliteit. Wanneer een vrouw zich onderdompelt in het mikwe, het rituele bad, verbindt zij zich opnieuw met de fysieke bron van leven, en daardoor automatisch ook met haar spirituele levensbron.

Verbinding herstellen

De onreinheid die een vrouw ervaart nadat ze gebaard heeft, is niet iets negatiefs; het is alleen maar dat ze dat extra leventje heeft moeten loslaten. ‘Gebrek aan leven’ is de Joodse definitie van onreinheid. Vandaar dat ze een חטאת Gatat-offer moest brengen. Natuurlijk had zij niet gezondigd, maar het woord חטאת Gatat – dat meestal als zonde vertaald wordt – betekent eigenlijk gebrek. Een zonde is namelijk een gebrek in je connectie met G-d. Een vrouw die gebaard heeft, heeft niets misdaan, integendeel.  Wel heeft ze te maken met een plotseling gebrek aan levenskracht. Het Gatat-offer vertegenwoordigt het gebrek aan spiritualiteit en levenskracht die de moeder post partum heeft moeten ervaren.

Het andere offer, het zogenaamde Ola, wordt geheel verbrand en niet, zoals andere offers, gedeeltelijk gegeten. Dit vertegenwoordigt een complete overgave en het zichzelf wegcijferen ten aanzien van G-d. De verbinding tussen mens en G-d wordt daarmee hersteld. 

Zo fluctueert een vrouw maandelijks tussen een enorm potentieel aan energie en dan weer het ontbreken van juist dat stukje vitaliteit. Haar lichaam gaat op en neer omdat dit precies is wat er op spiritueel niveau met haar gebeurt. Gelijk de maan die dan weer vol is en dan weer onzichtbaar. De cyclus van de vrouw is een maan(d)cyclus.

Nu wordt ook duidelijk waarom de moeder bij de geboorte van een meisje twee keer zo lang onrein is als bij een jongen. Een babymeisje draagt namelijk veel meer levenskracht bij zich dan een jongetje omdat zij in de toekomst ook zelf weer zal baren. Bij een pasgeboren dochter zijn reeds alle eicellen aanwezig die ooit in de toekomst zullen ovuleren. Wat een energie! Bij een meisje verliest de moeder nog meer levenskracht dan bij een jongen.

Vandaar dat de mogelijkheid en ruimte voor onreinheid dubbel zo groot is. Wanneer een baby tevoorschijn komt, verlaat hij of zij het reine vruchtwater en laat hij een vacuüm van levenskracht achter. Bij een meisje is de levenskracht groter en de leegte daarna dus ook. Hoe intenser het hoogtepunt hoe dieper de val  die daarop volgt.

Het gebrek aan leven dat de moeder bij de geboorte van haar kind overkomt wordt door het Gatat-offer hersteld. En wat brengt zij? Een duif. Van alle soorten dieren zijn duiven één van de weinigen die trouw blijven aan hun partner, zeker in één seizoen en soms levenslang.

Trouw

Net zoals een duif trouw is, zo zijn man en vrouw trouw aan elkaar en is het Joodse volk trouw aan zijn Schepper. Gelijk deze nieuwe moeder haar verbinding met G-d weer nieuw leven inblaast met behulp van haar offers die haar connectie weer herstellen, zo ook gaan wij om met onze partners in het leven, op een trouwe en respectvolle manier.

Ook al ben jij je je verbinding met G-d even kwijt of is je spirituele hoedanigheid iets afgezwakt, juist na een moment van grote intensiteit, waardoor je daarna een leegte ervaart, wees gerustgesteld: er bestaan twee offers die jou weer verbinden en de oorspronkelijke situatie herstellen. Een Ola dat geheel verbrand wordt en jou volledig met G-d verbindt en een Gatat die het grote gat, het gebrek aan levenskracht, komt herstellen.

Een Jood blijft altijd verbonden met G-d. Zo zit hij organisch in elkaar. Dat is zijn staat. Daar hoeft hij niets voor te doen en daar kán hij zelfs niets aan veranderen. Niet altijd reflecteert hij deze connectie, gelijk de maan die altijd wel aanwezig is maar niet altijd het zonlicht weerkaatst. Zo ook is een Jood niet altijd in staat om het G-ddelijke licht dat in hem aanwezig is, uit te stralen. Maar als hij diep geraakt en geschud wordt, zoals in tijden van antisemitisme en oorlog, dan komt zijn ware essentie naar buiten. Hij voelt zich Joodser dan hij ooit van zichzelf had gedacht. Nu is het alleen nog zaak om dat Joodse gevoel uit te drukken door Torah te leren, gebeden uit te spreken en geboden uit te voeren zoals Shabbat, kosher eten en tsedaka geven.

In het Hooglied, waarin de liefde tussen G-d en het Joodse volk beschreven wordt, staat (15-1):

הִנָּ֤ךְ יָפָה֙ רַעְיָתִ֔י הִנָּ֥ךְ יָפָ֖ה עֵינַ֥יִךְ יוֹנִֽים׃

Kijk, jij bent mooi, mijn vriendin, kijk je bent mooi, jouw ogen zijn als die van duiven.

De Midrash legt uit:

Zoals de duif, die eenmaal haar partner kent, hem nooit verruilt, zo heeft ook het Joodse volk, sinds het G-d heeft erkend – Hem nooit voor een ander ingewisseld.

Herstel

Er zijn hoogtepunten geweest in de Joodse geschiedenis, tijdperken waarin het volk opbloeide, zoals in de dagen van koning Salomon. De dieptepunten  zijn te talrijk om op te sommen; zij kunnen zowel collectief als individueel zijn. Wij kennen momenten van vreugde en vervulling, maar gaan helaas ook door tijden van moeite en duisternis. Soms voelt onze verbinding met Boven heerlijk warm en actueel. En op andere momenten… voelen we niets. Een leegte. Apathie in haar diepste vorm of zelfs boosheid jegens onze Schepper.

Ook al voelen wij leegtes in ons leven en worden wij met gebreken geconfronteerd, de duif vertelt ons dat wij van nature intrinsiek verbonden blijven. Ook al voelen wij een gebrek aan levenskracht en zijn wij al dan niet spiritueel depressief, er wordt ons altijd weer een mogelijkheid gegeven om onszelf te herenigen met G-d (het Ola-offer) en ons gebrek aan leven en enthousiasme te herstellen (het Gatat-offer). 

Dit is de diepere betekenis van Am Yisrael Chai: het Joodse volk leeft. Omdat wij diep verbonden zijn met de Eeuwige, overstijgen wij tijd en ruimte en blijven wij, door alle generaties heen, bestaan.

Am Yisrael chai!
Bracha Heintz

Gebaseerd op een les van Rav YY Jacobson
Opmaak Rianne Meijer, Sonja Tamam en Devorah Verwoerd.

Klik hier om wekelijks per WhatsApp een artikel te ontvangen!

Help jij mee om de continuïteit van deze artikelen te waarborgen? Door te sponsoren word je een actieve partner en steun je ook verdere activiteiten! Doneren kan hier op chabadutrecht.nl/doneren.

 

Beeld: Chabad.org

Tsaaw | Het vuur dat je zelf moet aansteken

Tsaaw | Het vuur dat je zelf moet aansteken

Vaak wachten wij op een teken, een wonder of een openbaring. We zoeken een bewijs dat G-d inderdaad bestaat en dat Hij de wereld aanstuurt en beheerst, maar wat als wij juist diegenen zijn die het hele systeem in beweging kunnen brengen? Wat als wij wonderen doen ontstaan? Zou één kleine vonk van ons hier beneden de hemel doen bewegen?

Download hier een printversie van dit artikel (PDF)

‘En het vuur zal op het altaar brandend gehouden worden, je zult het niet doven…’     

‘…וְהָאֵ֨שׁ עַל־הַמִּזְבֵּ֤חַ תּֽוּקַד־בּוֹ֙ לֹ֣א תִכְבֶּ֔ה’

Wajikra 6-5

In deze tekst staan we stil bij het altaar in de Tabernakel, en later in de Tempel, de centrale plek waar het contact tussen mens en G-d zichtbaar werd. Elke ochtend opnieuw begon de dienst met een ogenschijnlijk eenvoudige handeling: een priester legde vers hout op het altaar, stak het vuur aan en waakte ervoor dat het bleef branden. Maar wat daar gebeurde, ging verder dan menselijke inspanning alleen. Zodra het vuur van beneden werd ontstoken, daalde er een hemels vuur neer dat het offer verteerde.

Precies in dat spanningsveld, tussen wat van boven komt en wat van beneden wordt aangewakkerd, ligt de kern van een diepere uitleg. Want als het vuur toch uit de hemel neerdaalt, waarom is het dan nodig dat de mens zelf het eerste vuur aansteekt? Die vraag vormt het vertrekpunt van een diep inzicht dat de Maggid van Mezritch doorgaf aan de Alter Rebbe.

In het boek Hayom Yom (20 Adar 2) wordt het volgende naar voren gebracht: De Alter Rebbe vertelde: “Eén van de leringen die mijn meester, de Maggid van Mezritch, mij tijdens een persoonlijk onderhoud meegaf, ging over het vers: ‘Een voortdurend vuur moet op het altaar branden; je zult het niet doven.’

Hoewel het vuur van boven neerdaalt, als een G-ddelijke impuls, een ontwaken van bovenaf, blijft het een gebod om ook zelf vuur van beneden te brengen. Want juist een beweging van beneden zet een beweging van boven in gang. M.a.w. alles wat wij hier op aarde doen heeft een direct gevolg op wat zich in de hogere werelden afspeelt. Elke handeling, elk woord en elke gedachte is als het ware met een touwtje verbonden met een soort energie dat zich in de hemel bevindt. Het initiatief van beneden vormt een voorwaarde voor het respons van boven. Vandaar het gebod voor de priester om dagelijks het vuur op het altaar te ontsteken.

Het altaar bevindt zich niet alleen in de Tempel, maar ook in ieder van ons, waarbij het offer de dierlijke kant van een mens vertegenwoordigt, zoals het vers aangeeft (wajikra 1-2): ‘een mens zal van zichzelf een offer brengen.’ (zie het artikel van Parashat Wajikra). Het brengen van dat offer alleen is echter niet genoeg. Het vraagt ook om vuur, een innerlijke vlam, die het offer werkelijk betekenis geeft. En ‘je zult het niet doven’. Dit kun je letterlijk vertalen of wat dieper bekijken en dan staat er: je zult het NIET doven, m.a.w. je zult de negativiteit  in je leven doven. 

De Alter Rebbe voegde daaraan toe:  “Mijn meester heeft deze leer tien keer aan mij herhaald, om haar diep in de tien vermogens van mijn ziel te verankeren. Hij zei tegen mij: ‘Jij, mijn leerling, zult een voortdurend vuur nodig hebben. Want jouw taak zal zijn om een groot ‘nee’ te doven namelijk het verzet van de tegenstanders. Jij zult dat ‘nee’ uitdoven, en de Eeuwige zal het omvormen tot een ‘ja’.’

Een offer is iets wat je van jezelf weggeeft. Je zet ‘een dier’ of ‘je eigen dierlijke aspecten’ aan de kant voor een ander, voor een hoger doel. Maar hoe doe je dit? Hoe waarborg je de kwaliteit en de continuïteit?

Warmte vasthouden

Voor een goede temperatuur in huis heb je brandstof nodig en een thermostaat. Offers kunnen niet zonder brandstof en vuur. Met andere woorden: je kunt in je leven ‘de thermostaat aanzetten’ en van alles en nog wat doen door bijvoorbeeld regelmatig Torah te leren en je keurig aan alle geboden houden. Je kunt je eigen comfort opzijzetten en tijd, geld en moeite opofferen aan iets wat hoger is dan jezelf. Maar dan nog zul je het ook brandend moeten houden. Er moet continu een bepaalde warmte in zijn. Zonder die warmte blijft alles wat je doet uiteindelijk koud en mechanisch, correct misschien, maar een beetje onverschillig. 

Soms zijn we geïnspireerd, maar soms hebben we er totaal geen zin in. Soms is het leuk en spannend, andere keren saai en eentonig. Soms voelen we de warmte van het Jodendom, andere keren staan we er cynisch tegenover. Hoe houden we de warmte vast, elke dag… constant? Er is maar één manier, vertelt de Torah: ‘De priester moest elke ochtend het hout op het altaar aansteken’. Vuur en warmte hebben brandstof nodig en die zullen we zelf moeten aanleveren.

Reken niet op je buren, je ouders, de Rabbijn en zelfs niet op Hashem. Sommigen onder ons wachten op een wonder, een G-ddelijke stem of vuur uit de hemel. Wil je hulp van Boven krijgen, dan zul je de eerste stap moeten zetten. Wil je dat planten groeien, dan zul je eerst moeten ploegen en zaaien. Daarna kan de groeikracht, die zich in de aarde bevindt, zijn werk gaan doen. De regen die vervolgens uit de hemel valt, zorgt voor het gewenste resultaat. Zo gebeurt het niet alleen in de fysieke wereld maar ook in de spirituele wereld.

Het vuur komt pas uit de hemel nadat het hout hier beneden aangestoken wordt.

Met vreugde

Creëer je eigen inspiratie, motiveer jezelf, ontwikkel je eigen enthousiasme. Maak het Jodendom leuk, zet een vrolijk muziekje aan, doe een dansje in je woonkamer, zet je grote glimlach op en ga ervoor. Niet omdat het moet… maar uit blijheid. Blijheid dat G-d ons gekozen heeft om Hem te dienen. Blij dat wij het voorrecht hebben d.m.v. zijn geboden om dichter bij Hem te mogen komen. Blij dat Hij ons de gelegenheid geeft om een relatie met Hem te hebben. Tsaaw betekent gebod maar hetzelfde woord betekent ook verbinding. Die verbinding komt tot stand door Zijn geboden uit te voeren. De beste en misschien wel enige manier om een stevige relatie met iemand te ontwikkelen is door uit te voeren wat hij je vraagt om te doen (gebod) en je te onthouden (verbod) van zaken die hij onwenselijk vindt. 

‘Omdat je G-d niet met simcha (vreugde) gediend hebt’, vertelt ons de Torah in Dewarim 28-46. De oorzaak van alle ellende is niet het feit dat je G-d niet hebt gediend. Nee, je hebt Hem wel gediend, je hebt het offer wel gebracht, maar het is koud op het altaar blijven liggen. De warmte en de innerlijke vreugde ontbraken. En dan heb je een groot, koud en donker gat. Zo’n gat raakt al gauw gevuld met spulletjes die je helemaal niet wilt. Ondertussen blijft jouw offer daar in de kou liggen. Er gebeurt niets, helemaal niets. Alle moeite voor… niets.

Elke actie veroorzaakt een reactie; als je het vuur hier beneden aansteekt komt het vuur van Boven als antwoord. Zo ook veroorzaakt alle moeite die je doet een reactie van Boven.

Je eigen vuur is begrensd; het is een menselijk vuur en dus gelimiteerd door tijd en ruimte. Wanneer jouw vuur eenmaal brandt, voegt G-d Zijn eigen vuur toe. Dit is zijn eigen onbegrensde warmte, Zijn zegen en bovennatuurlijk succes, vuur dat komt nadat jij de eerste stap hebt genomen. Laat de ketel branden, houd de warmte in je hart en in je ziel. Ervaar de pracht en praal van het Jodendom en straal het uit.

Warmpjes

Dat heerlijke stukje van je favoriete cake, het overdreven bijhouden van het nieuws of het checken van je emails en appjes, hoe heerlijk ook, ze zullen je hart en ziel niet warm houden. Ze zijn niet in staat om je ziel te ontsteken. Deze bezigheden werken allemaal verslavend en sleuren je neerwaarts.

Wil je een super-dag voor jezelf creëren? Wil je gedreven door het leven gaan? Begin dan je dag met stilte, meditatie en gebed. Leer een stukje uit de Torah en leg een paar muntjes in het tsedaka-busje. Doe het met warmte en plezier. Wees vrolijk of doe net alsof. Op den duur zal je glimlach jezelf en anderen aansteken en zal het onbegrensde, hemelse vuur jou boven alles uittillen.

“Je zult het niet doven.” De Maggid van Mezritch leest dit vers op een verrassende manier: hij plaatst een komma na het woord ‘niet’. Dan ontstaat er een andere betekenis: ‘Je zult het niet, doven.’ Met dat ene woord, ‘niet’, wordt het negatieve bedoeld. Het is niet alleen het vuur dat niet gedoofd mag worden, maar ook het ‘niet’ dat uitgeschakeld dient te worden. Wanneer wij ervoor zorgen dat we de mitswot met warmte en enthousiasme vervullen en onze innerlijke weerstand en de krachten die ons beletten om door en door Joods te zijn doven, dan zal Hashem met Zijn vuur van boven de negativiteit omvormen tot positiviteit.

Warme groet,

Bracha Heintz
www.chabadutrecht.nl

Gebaseerd op een artikel van Rav YY Jacobson
Opmaak Rianne Meijer en Devorah Verwoerd
Klik hier om wekelijks per WhatsApp een artikel te ontvangen!

Help jij mee om de continuïteit van deze artikelen te waarborgen? Door te sponsoren word je een actieve partner en steun je ook verdere activiteiten! Doneren kan hier op chabadutrecht.nl/doneren.

 

Vier (4) Pesach!

Vier (4) Pesach!

Het magische getal van Pesach is vier. We drinken vier bekers wijn, stellen vier vragen en verwelkomen vier verschillende types kinderen aan tafel. Deze vier kinderen en hun vragen staan voor vier geluiden die wij allemaal in ons eigen hart tegenkomen. Welke stem herken jij?
 
 
Met Pesach drinken we vier bekers wijn, stellen we de vier Ma Nishtana-vragen en hebben we vier kinderen aan tafel:
Eén (echad) is wijs.
Eén gedraagt zich slecht.
Eén is onschuldig.
En één die niet weet wat hij vragen moet.

De eerste twee avonden van Pesach staan in het teken van communicatie. Het is hét moment van het jaar waarop vaders het Jodendom doorgeven aan hun kinderen. Volgens een vaste structuur, de seder, wat letterlijk ‘orde’ betekent, ontvouwt zich een zorgvuldig opgebouwd ritueel van vijftien stappen. Het is een avond van vragen en antwoorden, kussens en kleedjes, zoute tranen en herinneringen aan bloed, en deuren die geopend worden om daarna weer gesloten te worden. Bittere kruiden en zoete charoset, droge matsa en gevulde bekers wijn: alles spreekt, alles vertelt, het is live!

Passende antwoorden 

Met wie communiceren wij?
Met vier verschillende types, de vier zonen. De Hagada leert ons om iedereen te benaderen zoals hij is: ieder kind krijgt een antwoord dat bij hem past.

Maar waarom staat er steeds vóór elke zoon het woord ‘één’? Waarom worden niet alle vier de kinderen achter elkaar opgesomd? Waarom staat er niet: de Torah spreekt over vier zonen, de wijze, de slechterik, de naïeveling en de onwetende? Maar zo staat het er niet. Kijk maar: ‘Eén is wijs, één is slecht, één is naief en één die geen vraag kan stellen’. En waar halen onze geleerden deze vier zonen überhaupt vandaan?

Op vier verschillende plaatsen in de Torah gebiedt G-d ons om de geschiedenis van de uittocht uit Egypte aan onze zoon te vertellen. Vier keer hetzelfde? ‘Nee’, concluderen onze geleerden. Als het vier keer genoemd wordt, zitten er vier verschillende gedachtes achter. Dit zijn de vier verschillende zonen en natuurlijk ook de vijfde die nergens genoemd wordt omdat hij helaas afwezig is.

Vier in één

Het volgen van het stappenplan kan nu beginnen, mits je elk type benadert op een manier die hem aanspreekt. De Hagada helpt ons verder en biedt kant-en-klare antwoorden en oplossingen. Een les in pedagogiek van de hoogste klasse, direct uit de Torah gehaald! Maar de herhaling van het woordje één blijft verbazen. De achterliggende gedachte is dat alle vier, hoe verschillend dan ook en hoe tegenstrijdig dan ook, eigenlijk één zijn. Wij zijn namelijk zelf die ene persoon en in onszelf schuilen vier zonen, vier types met elk een vraag. De Hagada geeft ons vier antwoorden.
 
Niet alleen onze kinderen hebben vragen over, bezwaren tegen, moeilijkheden met en kritiek op het Jodendom. Die hebben wij zelf natuurlijk ook. Soms één soort vraag, soms twee, soms drie of zelfs vier…
 

Vraag 1: waarom zoveel verschillende wetten?

Het wijze kind, d.w.z. het wijze aspect in ons, stelt de eerste vraag: ‘Waarom hebben wij eigenlijk zoveel verschillende wetten: Edoet (de begrijpelijke regels), choekim (de onbegrijpelijke regels) en mishpatiem (de civiele regels)?’ De redenen voor civiele regels en begrijpelijke regels zijn logisch, maar hoe zit het met die onbegrijpelijke regels? Daar hebben we moeite mee. Daar kunnen we met ons verstand niet bij. Die willen wij niet uitvoeren! We zitten vast, we zijn geblokkeerd. Deze regels zijn niet leuk en ze hebben geen smaak, net als een matsa die ook geen smaak heeft. We protesteren.
De Hagada vertelt ons om de wijze als volgt te beantwoorden:
‘We eten geen toetje na de Afikoman, dat laatste stukje matsa dat aan het einde van de maaltijd gegeten wordt.’ De smaakloze matsa is wat in onze mond zal blijven voor de rest van de avond om ons te vertellen dat smaakloze dingen juist meer smaak hebben. Hoezo? In het Hebreeuws betekent het woord ‘ta’am‘, zowel smaak alsook uitleg. Het gaat hier dus over de smaak van de matsa maar ook over de reden voor het eten van de Matsa of het doen van de Mitswa. Als wij alle regels zouden begrijpen dan zouden wij heel veel missen. Het is net als een kind dat rekenen gaat leren met een wiskunde professor. Het kind zal maar heel weinig aan dit lesje hebben, aangezien een wiskunde professor zijn gigantische kennis nooit aan een kleuter kan doorgeven. Uiteindelijk mist het kind alles. Hoe groot het verschil ook is tussen een kleuter en een wiskunde professor, het verschil tussen ons en G-d is nog vele malen groter en eigenlijk oneindig. Het verschil tussen welk cijfer dan ook en het oneindige is oneindig. Vraag dat maar aan je wiskunde professor. Wij kunnen het oneindige nooit en te nimmer vatten. Hoe kunnen wij met onze hersens, die G-d gemaakt heeft, G-d begrijpen? Hoe kan een computer de programmeur begrijpen?
 
Om de regels te kunnen begrijpen, moet G-d ze voor ons heel ver naar beneden brengen, zo laag zelfs dat ons menselijk begrensde intellect ze kan vatten. Maar G-d heeft nog vele andere aspecten die zo hoog zijn dat ze hier niet op papier gezet kunnen worden, niet uitgesproken, geschreven noch uitgelegd kunnen worden. Het niveau is zo hoog dat het in deze wereld niet past.
Door de onbegrijpelijke geboden uit te voeren, verbinden wij ons met een deel van G-d dat te hoog is om door ons gevat te worden. We verbinden ons met een niveau dat zo verheven is dat we het niet kunnen begrijpen of bewust kunnen waarderen. Het is een smaak die wij niet kunnen proeven maar die des te hoger is. Het smakeloze matsa-toetje is geen nadeel, in tegendeel, het is een gelegenheid om op een hoger niveau te komen.

Vraag 2: waar zijn jullie mee bezig?

In ieder van ons schuilt ook een slechterik. Die heeft ook een vraag: ‘Waar zijn jullie (niet wij) vanavond toch mee bezig? Wat maakt dit allemaal uit? Denk je echt dat G-d zich over ons bekommert? Heb je ooit de aardbol vanuit de hemel gezien? Het is maar een heel klein balletje. We zijn nog geen vlekje in de kosmos.’
 
Hoe richt je je tot dit cynische aspect van jezelf? Dit stemmetje dat alsmaar zegt dat je niets waard bent en dat het allemaal niets uitmaakt!
 
De Hagada geeft raad en antwoordt: ‘Maak de tanden stom.’ Maak je geen overdreven zorgen over alles wat het depressieve aspect in onszelf verzint. Hij roept veel, maar de soep wordt nooit zo heet gegeten als zij wordt opgediend. Waarschijnlijk voelt deze arme ziel, dit tweede kind, zich buitengesloten en heeft hij daardoor besloten om afstand te nemen. Betrek hem er weer bij en maak hem attent op het feit dat elk detail van belang is. Ook al zijn we maar een knikker in de kosmos, door het uitvoeren van de geboden bereiken wij een niveau waar zelfs de engelen in de hogere sferen niet bij kunnen.

Sinds wij bij de berg Sinai de Torah hebben ontvangen, telt iedereen die daar stond, of wiens ziel daar was, mee. Jij en ik ook. Niet zoals in Egypte, toen 80% van het Joodse volk te cynisch was en niet in de verlossing geloofde. Deze mensen hadden geen vertrouwen en weigerden om de Egyptische slavernij te verlaten. Zij deden niet mee aan de uittocht en bleven in Egypte achter. Echter, vertelt de Hagada ons, wanneer Mashiach zich zal openbaren, zal het hele Joodse volk zonder uitzondering verlost worden.

De derde zoon is de Tam, de naïeve zoon.

Maar Tam betekent ook volmaakt en compleet. Dat is het deel van ons dat denkt alles te kunnen en alles te hebben. Hem maken we attent op het feit dat het G-d is die ons uit Egypte heeft gehaald en niet wijzelf.

De vierde zoon

Ten slotte is er ook een deel van ons dat niet weet welke vraag we moeten stellen: zoon nummer vier. Iets weten betekent dat je jezelf ermee verbindt. Maar dit stemmetje zegt dat het hem niets kan schelen. Apathie en onverschilligheid zijn lastig. De Hagada weet hier ook raad mee en vertelt ons: ‘Jij moet beginnen met contact te zoeken (את פתח לו = at petach lo).’ Open je hart, geef hem warmte en je zult automatisch respons krijgen. Wanneer je anderen en jezelf met liefde benadert, is er geen ruimte meer voor onverschilligheid.
 
Tot zover de vier zonen – stemmetjes en vragen – in je hart en ziel. De Hagada begeleidt je hierin en geeft je een psychologische les van het hoogste niveau. Een les die rechtstreeks uit de Torah gehaald is en jou leert hoe je met anderen maar ook met jezelf om kunt gaan! Een ‘nieuwe’ manier om je eigen grenzen te doorbreken. Niet alleen met Pesach maar het hele jaar door.
 
Succes ermee en geniet nog lang na van de ‘smakeloze’ matses!
 
Pesach Kasher we Sameach!
Bracha Heintz
Gebaseerd op een les van Rav YY Jacobson en de Sefat Emet.
 
Help jij mee om de continuïteit van deze artikelen te waarborgen? Door te sponsoren word je een actieve partner en steun je ook verdere activiteiten! Doneren kan hier op chabadutrecht.nl/doneren.
 
 
Beeld: chabad.org