Shoftim| Eerst luisteren, dan oordelen

Shoftim| Eerst luisteren, dan oordelen

Ieder individu heeft altijd een kern van goedheid in zich, een stukje onschuld. Hoe laag hij ook gezonken is, hoe slecht hij ook mag zijn, zelfs een crimineel die tot de doodstraf veroordeeld moet worden behoudt diep in zich een onaangetaste kern. Op dit positieve deel van de misdadiger kan de rehabilitatie gebouwd worden. Houd rekening met verzachtende omstandigheden, voor anderen maar ook voor jezelf.

Download hier een printversie van dit artikel (PDF)

״שפטים ושטרים תתן לך בכל שעריך…״  (16 – 18) 

“Rechters en politieagenten zul jij plaatsen in al jouw poorten…”

Zo begint onze Parasha; met de opdracht en de verantwoordelijkheid voor ieder mens om ervoor te zorgen dat elke stad zijn eigen rechtbank en politieagenten heeft. Dit vormt de basis voor een goed functionerende en veilige samenleving. Natuurlijk zijn hier tal van wetten en regels aan verbonden. Kijk onderaan dit artikel voor meer details. Boeken vol en jaren studie zijn nodig om dit allemaal goed te kunnen beheersen en toe te passen. 

Schuldig en toch vrijgesproken

Vandaag zullen we ons verdiepen in één detail dat op het eerste gezicht nogal vreemd lijkt. In de Talmoed wordt de volgende regel beschreven (Sanhedrin 17-1): 

“סנהדרין שראו כולן לחובה, פוטרין אותו. 

 “In het geval dat het gerechtshof een verdachte unaniem beschuldigt, dan wordt de verdachte automatisch vrijgesproken.”

Met andere woorden, wanneer alle rechters zonder uitzondering besluiten dat de verdachte schuldig is, dan wordt hij vrijgesproken. U leest het goed, al lijkt het vreemd en onlogisch! Wanneer alle rechters besluiten dat de aangeklaagde schuldig is, waarom zou hij dan vrijgesproken worden?  

Elke stad had zijn eigen gerechtshof dat uit 23 rechters bestond. Dit was het minimale aantal dat nodig was om de doodstraf te kunnen uitspreken. In Yerushalayim, in de Tempel, zetelde het hooggerechtshof dat uit 71 rechters bestond. Beide konden allerlei zaken berechten, civiele en financiële aangelegenheden. Een gerechtshof van minder dan 23 rechters was ook mogelijk, maar dat kon geen doodsvonnis uitspreken. In de Joodse wetgeving en in het gerechtshof is de regel van de meerderheid geldig. Vandaar dat er altijd een oneven aantal rechters moest zijn.  

Doodstraf vermijden

Nu was het de verantwoordelijkheid van elke rechter om er alles aan te doen om de doodstraf te vermijden. Sowieso was het bijna onmogelijk om alle nodige voorwaarden bij elkaar te krijgen om de doodstraf toe te passen. Er moesten namelijk minstens twee getuigen zijn die de misdaad werkelijk met hun eigen ogen hadden zien gebeuren. Indirect bewijs voldeed nooit. Ook moest de dader van tevoren gewaarschuwd worden dat hetgeen hij uit ging voeren, verboden was. Hij moest antwoorden dat hij het wist, maar toch de misdaad ging plegen. Bovendien was een meerderheid van rechters niet voldoende. Er moesten minstens twee rechters zijn die van mening waren dat de doodstraf toegepast moest worden. Er werd zwaar neergekeken op een gerechtshof dat zelfs maar één keer in de 70 jaar de doodstraf uitdeelde.

In Bamidbar 35 (24 en 25) staat dat een “groep” (העדה) moet berechten en een “groep” moet redden. Een groep is altijd tien (zie het verhaal van de verspieders). Er moet dus in een gerechtshof de mogelijkheid bestaan voor minstens tien aanklagers (berechten) en tien verdedigers (redden). Dat zijn totaal minstens 20 rechters. Vervolgens moet er een meerderheid van minstens twee zijn om de doodstraf te kunnen geven. Dat is 22. En om een oneven aantal rechters te hebben, wordt er nog een drieëntwintigste rechter toegevoegd. 

Hoe dan ook, er moest een bepaald systeem bestaan om ervoor te zorgen dat de maatschappij gezond en veilig was. Alleen in het paradijs gaat alles naar wens en is er geen noodzaak voor rechters of een uitvoerende macht.  

Wijs en intelligent

Wie waren de rechters? Wat waren hun vereiste eigenschappen?  

Ze moesten uitzonderlijk wijs en intelligent zijn. Ze moesten de gehele Joodse wetgeving zo goed kennen dat ze het wel konden dromen. Ze kenden de dynamiek van de Joodse traditie en geschiedenis en ze waren ingewijd, door iemand die zelf ingewijd was, door iemand die ook zelf weer ingewijd was. Dit ging door, van generatie tot generatie in directe lijn tot aan Moshe, onze leraar, die het van G-d had gehoord.

De namen zijn bekend; wie heeft wie bevoegd, vanaf Moshe tot Rav Ashi uit de vijfde eeuw van onze gewone jaartelling. Maimonides noemt ze van generatie tot generatie op.  

Dit waren onze rechters en zo waren ze: G-dvrezend, bescheiden en integer. Niets minder, want een rechter die deze eigenschappen niet bezat, was gewoonweg gevaarlijk. Als hij bijbedoelingen had of als hij zich onzeker voelde dan waren de gevolgen desastreus. 

Veiligheid voor maatschappij

Blijft de vraag waarom, als alle 23 (of 71) rechters de beklaagde beschuldigden, hij toch vrijkwam. Wat is hier de bedoeling? Hoe kunnen we dit vatten? Hoe zit het dan met de veiligheid van de maatschappij? Misschien heeft die persoon al vier mensen vermoord. Moet hij nog vrij rondlopen? 

Nog een dilemma: stel 22 rechters hebben hun hand gerezen om de beschuldigde te veroordelen. De 23ste weet, dat als hij ook de beschuldigde veroordeelt, dat deze dan vrijkomt. Hij hoeft hem dan alleen vrij te spreken om er zeker van te zijn dat de crimineel zijn doodstraf krijgt. Maar dat mag mijnheer 23 niet doen. Hij is integer, oprecht en bescheiden. Hij houdt zich aan de wet en oordeelt volgens de waarheid. Als hij vindt dat de verdachte schuldig is, dan is dat ook hetgeen hij verklaart, ongeacht de gevolgen van zijn uitspraak. 

De rechter wordt verondersteld zijn kijk op de zaak te geven en geen berekeningen te maken welk gevolg zijn uitspraak zal hebben. Uiteindelijk is het aan G-d om te berechten. Door de mechaniek van het Joodse systeem in werking te stellen bereik je dat precies. De rechters, in al hun bescheidenheid, onderschikken zich aan de Joodse wetgeving en bepalingen. Zij geven niet hun persoonlijke mening op de zaak. Wat zij doen is kijken hoe de wetten van de Torah in elke situatie toegepast dienen te worden. Hun nederige houding maakt het mogelijk om de wil van G-d te doen uitkomen door middel van de Torah . 

Nu is de aangeklaagde vrij. Waarom?  

Zeker van hun zaak

De Meïri, een Joodse geleerde uit de 13de eeuw die in Frankrijk woonde, begrijpt dat dit natuurlijk ook niet kan. Hij zegt dat פוטרין אותו niet betekent dat hij onschuldig wordt verklaard. Het Ivrit kan ook anders vertaald worden. Het betekent dan dat men ‘van hem af moet zijn’. Toch de doodstraf dus. 

Een 16de eeuwse Joodse geleerde uit Turkije, Shlomo HaLevi ziet het anders. Hij gebruikt de Rambam, Maimonides, om beter te begrijpen hoe deze vreemde regeling in elkaar zit. De Rambam beschrijft in hoofdstuk 9 van zijn wetboek bovengenoemde regel op de volgende manier. 

סנהדרין שפתחו כולם בדיני נפשות תחלה ואמרו כולן חייב הרי זה פטור עד שיהיו שם מקצת מזכין שיהפכו בזכותו וירבו המחייבין ואח”כ יהרג. 

 “Een gerechtshof waarbij zij allemaal openen met eerst de doodstraf en zeggen “schuldig” dan is de beklaagde vrij totdat er daar enkelingen zullen zijn die hem verdedigen, die de zaak omkeren naar zijn verdienste en dan zullen de aanklagers in de meerderheid zijn en daarna zal hij gedood worden.” 

Met andere woorden: de Rambam neemt de wet uit de Talmoed over en legt het wat uitgebreider uit. Hij verklaart dat als alle rechters beginnen met het beschuldigen van de verdachte, dan is de verdachte vrij. Pas als zijn verdiensten ook in beschouwing genomen worden kan de doodstraf op hem toegepast worden. 

Weer zo bizar! 

Maar rav Shlomo HaLevi legt het uit: het probleem zit hem in het feit dat de zaak met de doodstraf begint. De discussie in de rechtszaal is nog niet echt op gang gekomen en iedereen heeft al een mening. Dat klinkt niet koosjer! Is er geen gesprek? Luistert niemand naar elkaar? Vind je de mening van een ander niet verrijkend? Vind er geen debat plaats? Wil je de waarheid ontdekken dan zal je toch de zaak van verschillende kanten moeten bekijken. Zonder gedachtewisseling zal een oordeel onmogelijk zijn. Maar deze 23 rechters hebben daar kennelijk geen behoefte aan. Ze zijn zo zeker van hun zaak dat je al a priori weet dat er iets mis is. 

Verschillende meningen

In de joodse leer is er altijd discussie, over en weer. Verschillende meningen zijn verrijkend. Elke diamant heeft meerdere facetten. De school van Hillel en de school van Shamaj zijn hier beroemd om; ze zijn altijd in tegenspraak met elkaar. Shamaj vond bijvoorbeeld dat je met Chanoeka, op de eerste avond 8 lichtjes moet aansteken en elke dag een lichtje minder. Daarentegen zei Hillel dat je op de eerste avond begint met één lichtje en elke dag één lichtje toevoegt. Deze twee geleerden hadden heel vaak een tegenstrijdige mening. Is dat erg? Nee, het is verrijkend. 

Hierbij valt wel op dat Shamaj veel scherpere hersens had dan Hillel. Hillel was bescheiden, kalm, rustig en aardig. De wet is bijna altijd volgens Hillel. Toch had Shamaj de hoogste IQ.

Sinds wanneer zijn wetten gebaseerd op karaktereigenschappen en niet op basis van intellect?  Wil je met iemand trouwen dan kijk je natuurlijk naar zijn karakter. Maar om de wet vast te stellen heb je vooralsnog gigantische kennis en intellectuele capaciteiten nodig!  

Hillel was misschien niet een genie zoals Shamay dat was, maar hij was wel bescheiden. Hij liet Shamaj altijd eerst aan het woord, luisterde naar zijn mening, overwoog de zaak en kwam dan pas tot zijn conclusie. Zijn wetten en regels werden pas geconcludeerd nadat hij had geluisterd. Daarom worden de Torah regels bijna altijd volgens de interpretatie van Hillel bepaald.  

Doel van discussie

Vraag jezelf eens af wat het doel van jouw gesprek en discussie is. Als je aan één stuk door praat dan ben je alleen maar aan het herhalen wat je al weet. Maar als je luistert, misschien hoor je dan iets nieuws. Ben je op zoek naar de waarheid? Heb je geluisterd en gehoord wat een ander te vertellen heeft? Dan ben je een winnaar ook al heb je ongelijk. Is het jouw doel om gelijk te hebben? Dan ga je je uitsluitend verdedigen en de tegenpartij en zijn visie kapot maken. Je bent een verliezer ook al heb je gelijk. 

Onenigheid verrijkt je intellect en je emoties. Vermijd het niet en luister vooral naar je tegenstander. Alleen dan kom je achter de waarheid. Luister eens naar een ander ook al heeft hij een tegenstrijdige mening. Zit niet vast aan je eigen opinies en veracht niet de mensen die anders dan de gebruikelijke manier van denken opereren.  

Tweemaal luisteren

״והיה אם שמע תשמעו״ 

“En het zal zijn als je luistert en je zult luisteren” zeggen we dagelijks in het tweede hoofdstuk van Shema Yisrael. Waarom tweemaal luisteren? Je moet niet alleen maar horen wat een ander zegt, je moet er ook naar luisteren. Wacht niet totdat de ander klaar is met spreken en neem dan het woord omdat je zo beleefd bent. Dit noem je geen ‘luisteren’. Luister ook naar wat een ander niet zegt, naar wat hij tussen de regels door bedoelt. Kijk naar zijn gezichtsuitdrukking.  

In dit gerechtshof is kennelijk een vonnis uitgesproken zonder dat de zaak van alle kanten bekeken is. Volgens de Torah heeft dit tribunaal niet de bekwaamheid om de doodstraf uit te spreken. Er is niet geluisterd en daardoor kan de volledige waarheid nooit boven water zijn gekomen.

De negentiende eeuwse geleerde Reb Tzvi Chiyoes uit Polen vraagt zich ook af hoe dit gerechtshof opereerde omdat iedereen al zo gauw met een beschuldiging klaarstaat. Als je niet luistert kom je nooit achter de waarheid. Waar is het debat, de discussie, waar zijn de verschillende facetten? Valt er helemaal niets goeds te zeggen over deze crimineel? Zijn er geen verzachtende omstandigheden? Is de crimineel misschien gestoord? Heeft hij een traumatische jeugd gehad? Wat is zijn achtergrond? Misschien is hij gehersenspoeld? Hoe dan ook moet deze misdadiger rehabiliteren als hij de doodstraf krijgt, in deze wereld of in de komende wereld. Maar toch, als zelfs niet één rechter iets goeds kan vinden, dan klopt hier iets niet. Er is altijd, over iedereen iets positiefs te melden, hoe klein dan ook. 

De Torah is er niet om iemand te straffen, om wraak te nemen en zelfs niet om de straf van de misdadiger als voorbeeld te laten fungeren. De straffen in de Torah zijn er om de misdadiger de mogelijkheid te geven om het weer goed te maken, voor een ander maar ook voor zichzelf. Heb je gestolen dan moet je terugbetalen. Is jouw misdrijf zo groot dat er in deze wereld niets goed genoeg is om je te rehabiliteren, pas dan komt de doodstraf in aanmerking. Dan is dat helaas de enige mogelijkheid om het weer goed te maken. In het proces van de dood wordt de ziel van het lichaam gescheiden. Beide kunnen dan, apart van elkaar in een hogere wereld gerehabiliteerd worden.  

Wees niet te snel in je oordeel

Dit is allemaal gebaseerd op het feit dat ieder individu, hoe slecht dan ook, hoe laag hij ook gezonken is, altijd nog een kern van goedheid in zich heeft, een stukje onschuld. Op dat positieve deel van de misdadiger kan de rehabilitatie gebouwd worden. Als geen van de 23 rechters dat stukje weet te ontdekken dan is er iets heel erg mis. Als je alle deuren en openingen dicht houdt, als je helemaal geen lichtje kunt zien dan is jouw oordeel bij voorbaat afgekeurd. Dan heeft de straf geen enkel rehabiliterend nut. 

Verbreed je zicht op zaken en sta open. Spreek niet zo veel en luister naar je tegenstander, opdat jouw eigen kennis en mening een bredere basis zullen hebben. Ontdek een positief aspect, zelfs in een misdadiger. Anders, vertelt de Torah ons, zul je hem niet kunnen berechten. 

Ook wij veroordelen dagelijks de mensen om ons heen. Je moeder, je man, je zuster, je zoon, de bakker en de slager en niet te vergeten jezelf. Sommigen onder ons vinden altijd smoesjes voor hun gedrag. Anderen zijn te streng en keihard voor zichzelf.

Wees niet te snel in je oordeel. Neem verzachtende omstandigheden in aanmerking voor anderen maar ook voor jezelf. Zoek die kern van onaangetaste reinheid ook al ben jij of een ander over de schreef gegaan. Gebruik dit lichtpuntje om op een mooie, optimistische en positieve manier het probleem op te lossen en met enthousiasme verder te gaan… 

Shabbat Shalom!
Bracha Heintz 

Extra uitleg

In Sefer Hamitswot somt Maimonides de 248 geboden en 365 verboden op, die G-d aan het Joodse volk gegeven heeft. Van de 365 verboden zijn er 19 – en van de 248 geboden zijn er 6 die van toepassing zijn op rechters en getuigen.

Gebod nummer 175| Er wordt volgens de meerderheid besloten.

Gebod nummer 176| Er moeten rechters worden benoemd om orde te houden.

Gebod nummer 177| Rechters behandelen beide partijen op een eerlijke manier door niet de ene bijvoorbeeld te laten spreken zo veel hij wil en de ander te vragen om snel te zijn.

Gebod nummer 178| Een getuige moet alles wat hij gezien heeft vertellen. Hij mag niets achterwege laten.

Gebod nummer 179| De rechters moeten de getuigen heel nauwkeurig en uitgebreid ondervragen.

Gebod nummer 180| Als blijkt dat een getuige een valse getuigenis afgelegd heeft, dan krijgt deze valse getuige de straf die de verdachte zou hebben gekregen als hij werkelijk de misdaad had gepleegd.
——————————

Verbod nummer 273| Een rechter mag de Torah regels omtrent rechtspreken niet verdraaien
 

Verbod nummer 274| Een rechter mag geen steekpenning ontvangen

Verbod nummer 275| Een rechter mag een vooraanstaande persoon niet begunstigen

Verbod nummer 276| Een rechter mag niet iemand onschuldig verklaren omdat hij bang is dat de beschuldigde hem anders in gevaar zal brengen.

Gebod nummer 277| Een rechter mag in zijn oordeel geen medelijden hebben met een arm persoon en hem begunstigen ten aanzien van een rijker iemand zodat de arme persoon op een eervolle manier geld zal ontvangen.

Verbod nummer 278| Een rechter mag niet iemand beschuldigen omdat de verdachte sowieso een slecht persoon is.

Verbod nummer 279|Een rechter mag een moordenaar of iemand die lichamelijk letsel aanbrengt niet begunstigen omdat de verdachte arm is.

Verbod nummer 280| Een rechter mag zijn oordeel niet verdraaien voor een vreemdeling of een wees.

Verbod nummer 281| Een rechter mag de ene partij niet verhoren in afwezigheid van de andere partij.

Verbod nummer 282| Een rechtbank mag uitsluitend de doodstraf uitspreken wanneer er minstens een meerderheid van twee rechters zijn.

Verbod nummer 283| Een rechter mag niet de mening van een andere rechter overnemen. Hij moet zijn vonnis zelf concluderen.

Verbod nummer 284| Een rechter mag alleen benoemd worden als hij kennis van zaken heeft en de Torah regels ook in zijn eigen leven toepast.

Verbod nummer 285| Men mag geen valse getuigenis afleggen.

Verbod nummer 286|Een boosdoener mag geen getuige zijn.

Verbod nummer 287| Een familielid kan noch vóór noch tegen zijn bloedverwant getuigen.

Verbod nummer 288| Men mag niet berechten gebaseerd op slechts één getuige.

Verbod nummer 289| Een rechtbank mag niet straffen gebaseerd op indirect bewijs. Stel een getuige ziet twee mensen achter elkaar aan rennen en de ene heeft een mes in zijn hand. Beiden gaan een huis in. De getuige komt ook binnen en ziet de ene man dood en vol met bloed en de andere met het mes in zijn hand ook vol met bloed. De getuige is geen getuige. Hij heeft de moord niet gezien. De misdaad is gepleegd voor dat de ‘getuige’ binnen kwam. Wie de moordenaar is, is alleen een indirecte conclusie en de rechter mag deze getuigenis niet accepteren. Mocht je denken ‘dit klopt niet’, zegt Maimonides, besef dan dat in alles wat mogelijk is, sommige gevallen heel waarschijnlijk zijn en anderen totaal onwaarschijnlijk. Als de Torah toestemming had gegeven om iemand te straffen gebaseerd op iets dat niet anders verklaard kan worden, zoals in het voorbeeld hierboven, dan zouden iets minder waarschijnlijke gevallen ook geaccepteerd worden. Vervolgens zouden andere gevallen die weer iets minder waarschijnlijk waren ook veroordeeld worden enz… Totdat het punt bereikt zou worden dat een onschuldige man de doodstraf zou krijgen. Het ergste wat er kan gebeuren als je uitsluitend directe getuigenis aanvaardt, is dat een schuldige man vrijgesproken wordt. Beter 1000 mensen vrijwaren dan een onschuldige man de doodstraf te geven.

Verbod nummer 290| Een getuige mag geen oordeel geven. Hij mag enkel vertellen wat hij gezien heeft waarna hij zwijgen moet.

Verbod nummer 291| Een crimineel mag niet zonder rechtszaak gestraft worden.

Deze 19 regels zijn slechts een opsomming. Boeken vol zijn geschreven over de details, de uitleg en talloze voorbeelden om deze 25 regels beter te kunnen begrijpen en toe te passen. 

Gebaseerd op lessen, een artikel van Rav YY Jacobson en Maimonides
Laat het mij weten indien U deze artikelen niet wenst te ontvangen. Vragen en kritiek zijn ook zeer welkom!


Helpt u mee om de continuïteit van deze artikelen te waarborgen? Door te sponsoren word je een actieve partner en steun je ook verdere activiteiten! Doneren kan hier op chabadutrecht.nl/doneren.

Beeld: chabad.org

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Even voorstellen

Samen al meer dan 30 jaar in Utrecht aan het werk: rabbijn & rebbeztin Heintz! Lees meer..

🌿 Soekot in Utrecht

Vrienden Joods Utrecht

Ook Hebreeuws leren?

Poerim 2019 Utrecht 🤹‍♂