Auteur: admin

Eekew | Gebroken en toch heel

Eekew | Gebroken en toch heel

Waarom de gebroken tafelen bewaard werden in het allerheiligste van de Tempel in Jeruzalem? Omdat niet alles volmaakt hoeft te zijn. G-d waardeert de gebroken stukken in ons leven en legt ze pal naast de volmaakte tafelen. Licht schijnt juist door de spleten en de barsten in ons leven. Zet je hoogmoed opzij en durf naar de brokstukken in je leven te kijken!

Download hier een printversie van dit artikel (PDF)

Eekew is de derde parasha van het vijfde boek, Dewariem. Dewariem is de nalatenschap van Moshe vijf weken vóór de intocht in het beloofde land en net vóór zijn overlijden. Niet alles in de geschiedenis was even rooskleurig verlopen en Moshe moest ook een aantal pijnlijke momenten uit het verleden benoemen, leermomenten van een veertig jaar durende reis.

Onze Parasha vertelt ons over zo’n moeilijk moment. De datum was 17  Tamoez  2448. Dit voorval had 40 jaar eerder plaatsgevonden. In aanwezigheid van minstens drie miljoen mensen had G-d zich op de berg Sinaï geopenbaard. Vervolgens beklom Moshe de berg om daarboven veertig dagen lang de hele Torah te leren.

Hemels cadeau

De veertig dagen waren om, althans zo had het Joodse volk het berekend, maar Moshe was niet terug. Leefde hij nog wel? Hij was zonder proviand naar boven geklommen! Er was hem vast iets overkomen. Het Joodse volk besloot in afwezigheid van hun leider een nieuwe gezagvoerder te benoemen. Omdat ze 210 jaar in Egypte hadden geleefd, omringd en gewend aan afgodendienst, was de meest voor de hand liggende oplossing om een afgod als nieuwe leider te kiezen. Zo ontstond het gouden kalf.

Helaas had het joodse volk de verleiding niet kunnen weerstaan. Hoewel G-d zich veertig dagen eerder aan het hele volk geopenbaard had en hoewel het met eigen oren gehoord had hoe G-d het dienen van afgoden had verboden (het tweede van de Tien Geboden), was hun drang naar afgodendienst te intens.

Maar Moshe kwam wel terug. Weliswaar een dag later, maar dat lag aan een miscalculatie. Hoe dan ook, het was 17 Tammoez toen hij ‘eindelijk’ van de berg afdaalde met de twee stenen tafelen in zijn handen. Hij zag het gouden kalf en brak de tafelen. Kennelijk vond hij dat het Joodse volk het niet meer waard was om de stenen tafelen te ontvangen. Dit hemelse cadeau was niet aan hen besteed. Prima, begrijpelijk. Maar waarom heeft Moshe de tafelen gebroken? Hij had ze toch ook weg kunnen zetten, verstoppen of terug kunnen brengen naar waar ze vandaan waren gekomen?

Stel je voor dat je een diamanten ring voor je vrouw hebt gekocht en voordat je de kans krijgt om het haar te geven, krijgen jullie vreselijke ruzie. Wat doe je dan met die ring? Ga je hem breken? Welnee. Misschien bewaar je hem voor later of je verkoopt hem of je brengt hem terug naar de juwelier! De stenen tafelen waren een hemels cadeau van onschatbare waarde. Hoe kon Moshe ze vernielen?

Na het breken van de tafelen volgde er opnieuw een periode van veertig dagen, die Moshe weer op de berg Sinaï doorbracht. Daar heeft hij G-d gesmeekt om het Joodse volk te vergeven. In deze periode leerde het Joodse volk dat je altijd weer goed kunt maken wat vernield is, dat je een gebroken relatie weer kunt herstellen. Het is zelfs zo dat je juist in iets dat gebroken is, vaak diepere inspiratie kunt ontdekken. 

Scherven

Na die veertig dagen ging Moshe op de eerste dag van de maand Eloel, voor de derde keer de berg Sinaï op, om een nieuw stel tafelen in ontvangst te nemen.

Weer veertig dagen later, op Yom Kippoer (grote verzoendag) kwam Moshe van de berg af met nieuwe stenen tafelen in zijn handen. Deze tafelen werden in een speciale driedubbele kist op de allerheiligste plek in de Tempel neergelegd en bewaard.

Maar wat was er met de scherven van de eerste tafelen gebeurd? Lagen die nog waar ze gevallen waren? Nee, de gebroken stenen tafelen werden opgeborgen, weliswaar niet in dezelfde kist maar wel ernaast. Zo bleven de gebroken tafelen op een zeer bijzondere plek bewaard: in Israel, in Yerushalayim, in de Tempel en zelfs op de allerheiligste plek in de Tempel.

Waarom kregen deze scherven zo’n vooraanstaande plaats? Waarom werd er überhaupt een aandenken aan deze pijnlijke geschiedenis bewaard?

Tweemaal ‘ogen’

In onze parasha staat hoe Moshe de tafelen brak:

וָאֶתְפֹּשׂ֙ בִּשְׁנֵ֣י הַלֻּחֹ֔ת וָֽאַשְׁלִכֵ֔ם מֵעַ֖ל שְׁתֵּ֣י יָדָ֑י וָאֲשַׁבְּרֵ֖ם לְעֵינֵיכֶֽם׃

“En ik nam de twee stenen tafelen en ik gooide ze uit mijn twee handen en ik brak ze voor jullie ogen” (Dewariem 9-17).

Aan het einde van de vijf boeken Moses, in het allerlaatste vers in de Torah, wordt Moshe geprezen voor “de sterke hand (waarmee hij de Torah heeft ontvangen), de grote ontzagwekkende daad die hij gedaan heeft voor de ogen van het hele volk Israel.”

Rashi (Rabbi Shlomo Yitschaki, 1040-1105) verklaart om welke ontzagwekkende daad het gaat. Het is het breken van de stenen tafelen dat voor de ogen van Israel geschiedde. Omdat er in beide verzen de uitdrukking ‘voor de ogen‘ gebruikt wordt, weet men dat het om hetzelfde voorval gaat. Maar sinds wanneer wordt iemand geprezen die uit boosheid iets breekt? Maar Moshe was helemaal niet boos. Moshe begreep dat het onder deze omstandigheden de beste oplossing was om de stenen tafelen te breken.

De Midrash vertelt ons dat de stenen tafelen het gegraveerde contract was tussen het Joodse volk en G-d. Dat contract kon maar beter vernietigd worden dan dat men in een situatie terecht zou komen waarin het Joodse volk dat contract zou verbreken. Beter de afspraak verbreken voordat het contract in ontvangst genomen zou worden!

Inderdaad was dat heel dapper van Moshe, maar waarom kiest G-d juist deze daad om Moshe te prijzen en daarmee alle vijf de boeken af te sluiten? Is dit de grootste prestatie van Moshe? Kon de Torah niet met iets vrolijks en positiefs eindigen? De uittocht uit Egypte, de splitsing van de zee, het ontvangen van de Torah of het leiden van de veertigjarige tocht door de woestijn?

G-ddelijk licht

In de gebeurtenis van de gebroken tafelen schuilt echter een zeer waardevolle les. Zo belangrijk, dat dit het beste is wat Moshe ooit gedaan heeft. G-d heeft hem daarvoor zelfs geprezen. Het was kennelijk zo waardevol dat G-d gekozen heeft om de Torah hiermee te beëindigen.

Ons bestaan is namelijk niet altijd volmaakt. Er bestaan heel veel gebroken stukken in ons leven en daar zit het G-ddelijke licht ook in verstopt. Je zou kunnen denken dat er iets mis is, als het allemaal gescheurd, kapot of stuk is. Niets is minder waar. Ook en juist in het gebrekkige schijnt het licht en kun je inspiratie vinden. De waarheid is niet altijd te vinden in volmaaktheid. Integendeel, het is juist in het kwetsbare en machteloze deel van je leven dat je een glinsterend aspect kunt ontdekken.

Soms verbind je je met de Almachtige met blijdschap en succes. Alles gaat voorspoedig: je baan, je gezin, je vakantie. Maar het gaat ook zo vaak mis en in die gebrekkige situaties zit G-d des te meer verscholen.

Licht door spleten

We hopen natuurlijk dat het altijd goed gaat, dat we ons altijd kunnen begeven in de sfeer van het heiligdom. Voel je echter niet ontmoedigd als het misgaat. Misschien is het een gelegenheid om op zoek te gaan naar een diepere band met Hashem. Je denkt misschien G-d te kunnen vinden in een perfecte Shabbat, een volmaakte saamhorigheid, de ideale liefde of een perfect artikel.

Hoe zit het dan als je er geen zin in hebt, boos bent op G-d en boos bent op het leven? Of misschien ben je neerslachtig, moedeloos en somber. Misschien ben je het slachtoffer van omstandigheden, misbruik en nog meer narigheden. Wij denken vaak dat er een bepaald gevoel van volmaaktheid bij spiritualiteit zou moeten horen, maar is dat wel zo? Wat als je al jarenlang voor een zieke of bejaarde aan het zorgen bent waardoor je het huis niet uitgaat en je je neerslachtig voelt?  Misschien is die bejaarde jouw vader of tante…of iemand anders. Of je probeert op te krabbelen na een langdurige ziekte en je ziet het niet meer zitten. Of je zit dag en nacht met een huilende baby of je collega’s blijven je maar treiteren en je komt tot niets.

Je voelt je daardoor neerslachtig en klein. Jij bent de controle kwijt en daar vloeit een gevoel van bescheidenheid uit. Nu dat je geen grip meer op je eigen situatie hebt, blijft er maar één mogelijkheid over: je over te geven aan Hashem. Vanuit de gebroken stukken van je leven heb je een nieuw kader ontdekt voor een diepere relatie met Hem. Nieuwe omstandigheden in jouw leven zorgen ervoor dat je jezelf aan Hem kan overgeven. Op dat moment maak je ruimte voor G-d in jouw leven. Je bent in een situatie terecht gekomen, waarin je jouw band met Hashem versterkt.

Psalm 51, vers 19:

זִֽבְחֵ֣י אֱלֹקים֮ ר֪וּחַ נִשְׁבָּ֫רָ֥ה לֵב־נִשְׁבָּ֥ר וְנִדְכֶּ֑ה אֱ֝לֹקים לֹ֣א תִבְזֶֽה׃

“Een gebroken ziel is een offer voor G-d, een gebroken en verstoten hart zal G-d niet veronachtzamen.”

Wat de gebroken tafelen ons leren is dat spiritualiteit juist kan bestaan in de meest neerslachtige omstandigheden. Heb je veel pijn en moeilijkheden in je leven en je weet jezelf nog min of meer overeind te houden? Bravo! Het is juist door de spleten van een muur dat het licht kan schijnen.

Hele emmer en gebroken emmer

Een Chinese legende vertelt ons over een waterdrager die dagelijks water uit de put ging halen. Alles liep voorspoedig, ware het niet dat één van zijn emmers een kleine spleet had, waardoor de emmer lekte.

Al gauw ontstond er een gesprek tussen de hele emmer en de gebroken emmer. De hele emmer was zo trots. Dag in dag uit was hij in staat om een volle lading aan te leveren. De gebroken emmer daarentegen was niet zo blij. Bij aankomst was er altijd maar een halve emmer water, de rest was onderweg verspild en verloren. Hij voelde zich altijd zo verdrietig en neerslachtig, vooral in vergelijking met zijn trotse collega. Wat was hij waard?

Na jarenlange lekkages en tranen had hij het niet meer. Hij besloot om met de waterdrager in gesprek te gaan en hem te vertellen hoe waardeloos hij zich voelde omdat hij niet in staat was om zijn rol te vervullen waar hij voor bedoeld was.

“Waar heb je het over, mijn lieve emmer”, zei de waterdrager. “Heb je niet gezien dat ik onderweg zaadjes heb geplant? Heb je nooit gemerkt dat jij dagelijks, als lekkende emmer, de plantjes hebt bewaterd terwijl wij er langs liepen? Heb je de bloemen niet gezien die daardoor gegroeid zijn? Deze bloemen pluk ik regelmatig en zet ze in een vaas. Ze versieren mijn huis en maken door hun pracht en praal iedereen blij.”

Nieuw potentieel

Ja, dames en heren, jongens en meisjes, het licht schijnt vaak juist door de spleten en de barsten in ons leven. Het zijn dikwijls de problemen in je leven die je ertoe dwingen om dieper in jezelf te graven en nieuw potentieel te ontdekken. Hierdoor ga je op een ander niveau leven, je relaties zullen meer diepgang kennen. Last but not least zul je meer begrip en medeleven in jezelf ontdekken om de misères van een ander beter te voelen en te begrijpen.

Nu begrijpen we waarom de gebroken tafelen niet alleen bewaard werden, maar in het allerheiligste van de Tempel in Jeruzalem neergelegd werden. Niet alles hoeft volmaakt te zijn. G-d waardeert de gebroken stukken in ons leven en legt ze pal naast de volmaakte tafelen. Wissel je gevoel van neerslachtigheid over jouw falen in voor bescheidenheid. Je hoeft niet alles onder controle te hebben. Het mag wel eens misgaan. Stel je bescheiden op en realiseer je dat je niet perfect kan of hoeft te zijn. Gebruik de brokken in je leven als springplank. Ze zijn net zo mooi als de bloemetjes die door een lekkende emmer konden groeien!

Shabbat Shalom
Bracha Heintz 

Gebaseerd op lessen van Rav YY Jacobson
Laat het mij weten indien U deze artikelen niet wenst te ontvangen. Vragen en kritiek zijn ook zeer welkom!


Help mee om de continuïteit van deze artikelen te waarborgen. Door te sponsoren word je een actieve partner en steun je ook verdere activiteiten! Doneren kan hier op chabadutrecht.nl/doneren.

Beeld: chabad.org

Shemini | In topconditie

Shemini | In topconditie

Net zoals atleten een dieet volgen om topprestaties te kunnen leveren, hebben wij een belangrijk geestelijk dieet om in topconditie te blijven: kosher eten. Het verfijnt onze antennes en helpt ons net een stapje verder in het Joodse denken en voelen. 
 
 
In ziekenhuizen bezoeken dokters regelmatig hun patiënten. Zo ging een arts, samen met zijn assistent in opleiding langs elke patiënt. De hoofdverpleegster liep ook mee om van de dokter instructies te krijgen. De assistent mocht in aanwezigheid van de patiënten geen opmerkingen maken of vragen stellen.
 
Na verloop van tijd merkte de assistent in opleiding dat verschillende patiënten met een gelijk ziektebeeld toch niet dezelfde behandeling kregen. Hij ontdekte zelfs grote verschillen. De ene patiënt moest op gezette uren van de dag een hele reeks pillen slikken. Hij moest een streng dieet houden en meerdere keren per dag op vaste tijden oefeningen doen. Aan andere patiënten met precies dezelfde ziekte werd nauwelijks een behandeling voorgeschreven. 
 
De leerling was verbaasd en na de ronde mocht hij zijn vragen aan de arts voorleggen. Deze legde hem uit dat sommige patiënten zo ziek waren dat ze geen hoop hadden om te overleven. Terwijl anderen – mits zij alles op alles zouden zetten om te genezen – nog een kans hadden. De terminaal zieken hoefden geen ingewikkelde behandeling. Zo’n streng schema zou voor hen het leven alleen maar zwaarder en ingewikkelder maken. Daarentegen kregen de minder zieke patiënten nauwkeurige voorschriften, strenge diëten en stipte aanwijzingen in de hoop nog te kunnen genezen.

Op dieet

Zo is het ook met het Joodse volk. G-d bekommert zich om ons en geeft ons 613 aanwijzingen om gezond te zijn en om schadelijke verleidingen te weerstaan. De Torah functioneert als geneesmiddel. De voorschriften die daarin staan zijn er zodat wij ons kunnen verheffen boven alle verslavingen, gewenningen en egoïstische handelingen. Zaken die ons neerwaarts sleuren.
 
Deze week maken wij kennis met één van de geneesmiddelen die onze ziel gezond houdt, namelijk de regels van kosher voedsel. De Torah vertelt ons over koshere dieren en vissen, welke wel en welke niet voor consumptie geschikt zijn voor een Jood. Waarom moeten wij op dieet? Waarom wordt ons het leven zo lastig gemaakt? Wat is er mis met een stukje varkensvlees of een bord vol mosselen? 
 
Een mens is wat hij eet. De cellen van zijn lichaam worden gevormd door het voedsel dat hij consumeert. Lichamelijk, psychisch en emotioneel wordt een mens beïnvloed door hetgeen hij tot zich neemt. Als wij beïnvloed worden door wat wij zien, des te meer heeft het eten, dat deel van onze cellen wordt, een vergaande impact op ons.
Wilde dieren mogen wij niet eten omdat wij niet wild willen zijn. Maar waarom zijn zoogdieren die niet herkauwen en gespleten hoeven hebben verboden?
En wat is de reden dat vissen schubben en vinnen moeten hebben om op ons menu te kunnen staan?

Gespleten

Alleen zoogdieren die gespleten hoeven hebben én herkauwen zijn kosher. Een gespleten hoef laat zien dat het dier, d.m.v. zijn poten, contact heeft met de grond. Maar dat contact met het aardse is niet volledig. Tussen de linker- en de rechterkant van de hoef is er een deel van de poot dat los staat van de grond.
 
Dit is ook hoe wij in ons leven zouden moeten staan. We raken de grond, maar leven deels ook gescheiden van het aardse. We houden contact met het hier en nu. We leven een aards leven, hebben beide benen op de grond, maar tegelijkertijd weten wij onszelf los te maken van de materie. We houden onszelf overeind door niet constant verbonden te zijn met deze wereld.
 
De splitsing tussen de rechter- en de linkerkant van de hoef vertelt ons nog meer. De twee zijden vertegenwoordigen twee tegengestelde componenten, het goede en het kwade. Deze aspecten moet je gescheiden houden. Je krijgt de grootste ellende wanneer deze scheiding vervaagt. Een mens moet constant keuzes maken. De eerste stap om te kunnen kiezen is de bekwaamheid om tussen goed en kwaad te differentiëren.
 
הֹ֣וי הָאֹמְרִ֥ים לָרַ֛ע טֹ֖וב וְלַטֹּ֣וב רָ֑ע שָׂמִ֨ים חֹ֤שֶׁךְ לְאֹור֙ וְאֹ֣ור לְחֹ֔שֶׁךְ שָׂמִ֥ים מַ֛ר לְמָתֹ֖וק וּמָתֹ֥וק לְמַ֛ר
  
‘Wee diegenen die slecht goed noemen en goed slecht, van duisternis maken ze licht en van licht duisternis, van bitterheid maken ze zoetigheid en van zoetigheid bitterheid.’ Yeshayahoe 5-20
 
Wij leven in een wereld waarin grenzen vervagen. Immorele handelingen wekken in eerste instantie afschuw, maar worden toch getolereerd. In een volgend stadium treedt gewenning op waarna de stap naar normalisering erg klein is geworden. Langzamerhand degenereert de maatschappij. De grenzen tussen moreel en immoreel verzwakken waarna ze verdwijnen. De mogelijkheid om te kiezen wordt steeds ingewikkelder. De gespleten hoef symboliseert dat er een duidelijke scheiding tussen rechts en links, tussen juist en onjuist, moet zijn. Dan pas kunnen wij een verantwoorde keus maken.

Beschermen

Van alles wat er in het water leeft zijn alleen dieren die vinnen en schubben hebben kosher. De schubben van de vis beschermen hem tegen aanvallen van vijanden. Elke schub is een soort nagel op de huid van de vis. Het maakt de vis weerbaar ten aanzien van de buitenwereld. De vinnen zorgen ervoor dat de vis zich in het water kan voortbewegen en verplaatsen.
Ook wij moeten ons leven beschermen tegen invloeden van buitenaf. Wij kunnen zelf kiezen waar wij onszelf en onze gezinsleden aan blootstellen. We hoeven niet te kijken naar alles wat op ons afkomt. We hoeven niet te luisteren naar alles wat er gezegd wordt. En het is al helemaal niet nodig om alles wat zich op straat afspeelt naar binnen te halen. Wij kiezen zelf wie ons huis binnentreedt. Zowel via de voordeur als via de achterdeur, via de televisie, het internet en social media.
 
Tegelijkertijd is het dankzij de vinnen dat we voorwaarts gaan. Wij blijven niet steken in een geïsoleerde, beschermende cocon, maar bewegen ons in de buitenwereld. We zoeken contact naar buiten toe en hebben overal invloed. Wij bewerken en verbeteren deze wereld terwijl wij tegelijkertijd onszelf met schubben blijven beschermen.

Topprestatie

Wij zijn net atleten en gaan op dieet zoals professionele sporters die topprestaties moeten leveren. Ook wij rennen mee met een spirituele marathon. Wij zijn in spirituele topconditie. Het koshere voedsel dat wij tot ons nemen, helpt ons om spiritueler te denken en te voelen. Daardoor begrijpen wij de Torah beter en zijn wij in staat om fijne karaktereigenschappen makkelijker te ontwikkelen. 
 
Iemand die kosher eet hoeft minder moeite te doen om aardig te zijn, om bescheiden te zijn. Hij kan zijn begeertes makkelijker in bedwang houden. Net zoals een atleet zijn spieren optimaal kan gebruiken wanneer hij het meest geschikte voedsel tot zich neemt, zo ook past kosher voedsel bij een Jood. In kosher eten zitten alle spirituele vitaminen en mineralen die een joodse ziel nodig heeft om zich joods te voelen, om zich te kunnen verenigen met G-d, met de Torah en met het Joodse volk.
 
Gezond eten zorgt ervoor dat het lichaam optimaal functioneert.
Kosher eten garandeert het welbehagen van de ziel.
 
Dit is ook wat het woord kosher in het Hebreeuws betekent, namelijk geschikt. Het Jodendom is geen religie dat op bepaalde tijden en op bepaalde plaatsen uitgeoefend wordt. Het Jodendom is een manier van leven. Aangezien eten de enige manier is om in leven te blijven, is het een essentieel onderdeel van Joods zijn.
 
Behalve dat het eten kosher hoort te zijn, hanteren we ook nog voor elke gelegenheid bijzondere gerechten. We hebben speciale menu’s voor Shabbat en feestdagen waarbij elk onderdeel van het voedsel een diepe betekenis heeft dat gerelateerd is aan het desbetreffende feest.

Shabbat, zevende dag

Zo zien we dat op Shabbat, de zevende dag van de week, wij voedsel nuttigen dat met het getal 7 verbonden is. Op deze bijzondere dag staan de volgende specialiteiten op het menu: wijn, challe, vis en vlees.
 
Nu ga ik U, geachte lezer, meenemen op een getallen-reis. De Joodse letters zijn namelijk niet uitsluitend leestekens, ze zijn ook getallen. De א, alef is één, de ב, beet is twee en zo gaan we door tot de י, joed: tien.
Vervolgens is כ, gaf 20 en ל, lamed 30 enzovoort, tot aan ק, koef, dat is 100. De ר, reesj 200, de ש, shien 300 en ten slotte is de ת, taw 400.
 
Je kunt een willekeurig Hebreeuws woord nemen en de getalswaarde van elke letter noteren. Vervolgens tel je al deze cijfers op. Het totaal is de getalswaarde van dat woord.
En nu …
 
Op Shabbat, de zevende dag van de week, maken we allereerst “kidoesh” op wijn.
 
Het Hebreeuwse woord voor wijn is יין (jajien)
Het woord heeft twee keer de letter י joed, 2 x 10 en één נ, noen: 50.
De getalswaarde van יין is 2  x 10 + 50 = 70
Haal je de 0 weg dan houd je een 7 over.
 
Vervolgens eten we חלה challe, het gevlochten brood. De getalswaarde van challe חלה, is 8 + 30 + 5= 43. En 4 + 3 = 7
 
De eerste gang op Shabbat bestaat uit een visgerecht, דג. De getalswaarde van dag דג, vis is 4+3=7.
 
Bij het hoofdgerecht wordt basar בשר vlees gegeten. De getalswaarde van vlees, בשר is 502.
ב = 2  
ש = 300
200 = ר
2+300+200=502.
En 5 + 2 = 7

Stapje verder

Onder leiding van Yehoshua stak het Joodse volk meer dan 3000 jaar geleden de Jordaan over om eindelijk Israël binnen te kunnen komen. Het volk had 40 jaar lang door de woestijn getrokken en dagelijks hemels brood gegeten, het zogenaamde manna. Ineens stopte dit fenomeen. Vanaf dat moment moest het brood zelf gemaakt worden. Yehoshua moest landbouwlessen geven aan een volk dat niet beter wist dan dat brood op een natuurlijke wijze, dagelijks uit de hemel kwam vallen. Het zaaien en oogsten, het malen en bakken waren een nieuwe gewaarwording voor een hele generatie die in de woestijn was geboren. De vakantie was over. Het utopisch leven was voorbij. Vanaf nu moest elk mens hard werken om voedsel te verkrijgen.
 
Wanneer wij brood eten, wassen wij eerst onze handen op een speciale manier, gelijk de priesters dat in de Tempel deden alvorens zij naar binnen gingen. Onze eetkamertafel wordt met een altaar vergeleken en het nuttigen van voedsel wordt gezien als een vorm van G-d dienen. Na het wassen van de handen dopen wij onze eerste hap brood altijd in zout, ter herinnering aan het feit dat er in de Tempel bij elk offer zout toegevoegd werd. Een offer zonder zout was onacceptabel en moest opnieuw gebracht worden.
 
Ons eten is ons offer. Het wassen en het zout herinneren ons eraan om ons eten te verheffen, net zoals de offers. Het kosher eten maakt van het nuttigen van voedsel een G-ddelijke operatie. Het verfijnt onze antennes en helpt ons net een stapje verder in het Joodse denken en voelen. Wanneer wij G-d bedanken voor en na het eten en ook nog de energie van dit koshere voedsel benutten om er goede daden mee te verrichten dan zijn wij helemaal goed bezig. Als wij op deze manier met voedsel omgaan, dan veranderen wij een gewone, dagelijkse bezigheid in een spirituele actie.  Eten wordt nu een hemelse handeling waarmee wij onszelf en het voedsel dat wij nuttigen kunnen verheffen.
 
Eet smakelijk en Shabbat Shalom!

Bracha Heintz

Opmaak Rianne, Sonia en Devorah

www.chabadutrecht.nl

Help jij mee om de continuïteit van deze artikelen te waarborgen? Door te sponsoren word je een actieve partner en steun je ook verdere activiteiten! Doneren kan hier op chabadutrecht.nl/doneren.

 

 
 
Tetsawè | Gebraden vlees en parfum

Tetsawè | Gebraden vlees en parfum

In elk voorwerp en in elke handeling in de Tempel schuilt een les hoe wij, door alle eeuwen heen, G-d dagelijks kunnen dienen, ook in afwezigheid van de Tempel. Zelfs het materiaal dat gebruikt werd voor de constructie vertelt ons geheimen. Tabernakel

Download hier een printversie van dit artikel (PDF)

Twee altaars

In de Tempel bevonden zich twee altaars. Eén was vervaardigd uit cederhout en met koper overtrokken. Het bevond zich in het buitenste deel van de Tempel en er werden dieren op geofferd. Het andere altaar bevond zich verder binnenin  de Tempel, in het heilige gedeelte. Het was ook van cederhout gemaakt maar met goud overtrokken. Op het gouden altaar werd wierook gebrand. Tempel

Zo ook heeft een mens twee altaars in zich. Elk individu heeft een dierlijke kant in zich, maar ook een wierook gedeelte, oftewel een biologische en een spirituele kant. Zijn dierlijke kant snakt naar voedsel, sport, kleding, een mooie woning en alle verdere benodigdheden voor zijn lichaam. Anderzijds verlangt de ziel van een mens naar spiritueel genot dat te vergelijken is met een heerlijk geurend aroma, de wierook. Een mens heeft vaak een diepe wens om zichzelf te overstijgen en spirituele niveaus te raken. Hij verlangt ernaar om de pracht en praal van hemelse zaken in zijn leven te doen ontwikkelen, om de heerlijke geur van Gan Eden te snuiven.

Het oppervlakkige buitendeel van ons leven is egoïstisch. Het zorgt en leeft uitsluitend voor zichzelf. Het heeft voedsel nodig gelijk er op het buitenste altaar dieren gebracht werden. Anderzijds is onze innerlijke en diepere kant altruïstisch en verlangt naar spirituele zaken gelijk een heerlijke geur.

Dierenvechter en zielspecialist

We kunnen ons leven naar een hoger niveau tillen door ons dierlijk aspect op te offeren en onze zelfzucht opzij te zetten. We zijn in staat om het lichamelijke in ons leven te dempen, te bevechten, te transformeren en te verheffen. Op het moment dat je aan een ander denkt, hem voorziet in zíjn lichamelijke en spirituele benodigdheden, dan leg je de nadruk op je eigen innerlijke ziel. We zijn allemaal in staat en wij kunnen onszelf trainen om de benodigdheden van ons lichaam te beperken en wat ruimte te maken voor onze spirituele belevenissen.

Het woord קרבן (korban), offer betekent ook dichtbij. Door onze lichamelijke behoeftes op te offeren komen we dichter bij onze ware essentie, onze bron en G-d. Het is natuurlijk niet de bedoeling om helemaal in spiritualiteit op te gaan want dan zou ons aardse leven stoppen. Toch willen wij in de buurt komen, dichtbij (קרבן) de bron.

Het woord קְטֹ֑רֶת (ketoret) dat wierook betekent heeft een tweede betekenis, namelijk binden. In het binnenste van het heiligdom, daar waar de wierook gebrand werd, hoef je niet dichterbij te komen want daar ben je al verbonden. Op deze heilige plek, op dat niveau ben je één met G-d.

Beide altaars vertegenwoordigen een cruciaal aspect in het dagelijkse joodse gebeuren.  Misschien ben je het type dat veelvuldig worstelt met je lusten. Je moet constant vechten om je lichamelijke en dierlijke aspecten opzij te zetten. Of wellicht ben je op het niveau dat je ziel zich d.m.v. heerlijke geuren kan uitdrukken. Waarschijnlijk wisselen beide ervaringen elkaar in verschillende verhoudingen bij jou af. Of je nu meer neigt naar het in bedwang houden van het fysieke of dat het spirituele je natuurlijke staat is, wij constateren dat beide altaars zich in de Tempel bevonden omdat zelfs het bevechten van je dierlijke instincten een deel vormt van het dienen van G-d.  Of je nu bezig bent met je lichamelijke behoeftes te kanaliseren of dat je op een manier van wierook bezig bent, beide niveaus hebben een plek in de Tempel en worden door G-d gewaardeerd.

Misschien raak je ontmoedigd wanneer je constant dezelfde strijd moet leveren tegen je dierlijke instincten. Toch is dit een heilige bezigheid zoals er dagelijks in de Tempel dieren geofferd werden. Niet alleen de wierook-persoon, de zielspecialist, krijgt een plekje in de Tempel, maar ook diegene die dagelijks zijn lichamelijke neigingen moet bevechten.

Cederhout

Zelfs de materialen waarmee de Tabernakel gebouwd werd geven ons inzicht. Behalve goud, zilver en edelstenen was cederhout een belangrijk component in de constructie van de Tabernakel. Vele voorwerpen en ook de muren werden van dit houtsoort gemaakt.

Waar in de woestijn haalde het Joodse volk cederbomen vandaan? Rabbi Tanchoema weet ons te vertellen dat onze aartsvader Jakov, toen hij met zijn grote gezin (69 man) naar Egypte verhuisde, jonge cederbomen met zich meenam.

Waren zijn koffers en wagens niet al overvol? Konden er geen cederbomen uit Egypte gebruikt worden? Maar nee, Jakov wist dat het Joodse volk tot slavernij gedwongen zou worden. Maar hij wist ook dat het Joodse volk ooit, 210 jaar later, bevrijd zou worden en in de woestijn een Tabernakel van o.a. cederhout zou bouwen. Yakov nam bomen uit Israël mee en zorgde dat ze in Egypte herplant werden.

Yakov stierf. Ook zijn kinderen stierven en die hele generatie leefde niet meer. Een aantal jaren later waren de mensen die Jakov hadden gekend ook gestorven. Maar bomen, afkomstig uit Israël, waren er wel. Er waren niet alleen beloftes uit vorige generaties dat er ooit een bevrijding zou komen. Deze cederbomen waren het bewijs, het materiële erfgoed dat er licht aan het einde van de donkere slavernijtunnel was. Geen wonder dat het Rabbi Tanchoema is die ons dit uitlegt. De naam Tanchoema betekent namelijk troost.

Net zoals de cederbomen het Joodse volk in Egypte voorzagen van hoop en troost, zo ook hebben wij door de eeuwen heen morele steun mogen ontvangen. Tijdens alle ballingschappen die we mee hebben moeten maken tot op de dag van vandaag zijn het de cederbomen die ons hoop en versterking hebben gegeven en nog steeds geven. Wat zijn deze bomen? Kijkt U even mee naar psalm 92 vers 13:

צַ֭דִּיק כַּתָּמָ֣ר יִפְרָ֑ח כְּאֶ֖רֶז בַּלְּבָנ֣וֹן יִשְׂגֶּֽה׃

Een rechtschapen man zal als een palmboom bloeien, als een cederboom in Libanon gedijen.

Onze rechtschapenen, geleerden en Rabbijnen staan ons altijd bij. Zij zijn onze cederbomen. Zij wakkeren onze hoop aan en maken ons ervan bewust dat ondanks onze misères of dan wel onze welvaart, wij allen naar een herbouwd Jeruzalem snakken. Wij wachten nog steeds op Mashiach, de verlosser die de Tempel zal herbouwen en Israël zijn uitverkoren plek weer zal teruggeven. Wanneer onze verbinding met G-d verzwakt, zijn het de tsadikiem, de rechtschapenen die ons helpen om onze eigen neshama (ziel) weer terug te vinden. Zij zijn diegenen die ons dichterbij de Torah brengen en ons helpen onze ware essentie terug te vinden.

Tempeldienst als model

Tweemaal daags werd er een schaap op het altaar gebracht. Elke dag werd de gouden kandelaar eerst schoongemaakt en vervolgens ontstoken. Onze ziel is net als een vlam en ons lichaam kan met een kandelaar vergeleken worden. Dagelijks behoeft ons lichaam een spirituele schoonmaakbeurt waarna onze joodse vlam en elan weer aangewakkerd kunnen worden. Ook de wierook had zijn eigen sublieme moment in de dienst van de Tempel.

Iedere dag werd elke handeling met de hoogste precisie uitgevoerd. Elk deel van de dienst was cruciaal om de G-ddelijke aanwezigheid in de Tempel  te openbaren. De handelingen die de priesters namens het hele Joodse volk uitvoerden fungeren als model zodat wij weten hoe wij ook in onszelf G-ds aanwezigheid kunnen openbaren.

We zetten ons dierlijk aspect opzij zoals een dier op het altaar apart gezet en geofferd werd. We verlossen onszelf van ongewenste elementen, zoals de menora na het uitbranden schoongemaakt werd.  Wij wakkeren ons enthousiasme voor spirituele zaken aan gelijk de menora ontstoken werd. Ten slotte genieten wij van de heerlijke aroma die door ons nieuw verworven niveau vrijkomt, zoals de wierook die op het gouden altaar gebrand werd.

Ongeacht met welk deel van de dienst we bezig zijn, waardeert G-d elke stap en geeft Hij het een belangrijke plek in Zijn meest heilige plek op aarde, de Tempel in Jeruzalem.
Moge het nu herbouwd worden met de komst van Mashiach. Amen!

Heerlijke kruiden ruiken: dit is een gebruik dat elke week, wanneer shabbat geëindigd is, uitgevoerd wordt. Op shabbat krijgt elke Jood een extra ziel. Wanneer de shabbat afgelopen is en deze extra ziel hem verlaat zou hij zich wel eens zwak kunnen voelen. Door het ruiken naar een heerlijke aroma komt hij bij. Dit is een voorbeeld hoe een geur verbonden is met de ziel van een mens.

 Bracha Heintz

Gebaseerd o.a. op een les van YY Jacobson
Tekst: Bracha Heintz | Opmaak: Rianne Meijer, Sonja Tamam & Devorah van der Heiden

Even voorstellen

Samen al meer dan 30 jaar in Utrecht aan het werk: rabbijn & rebbeztin Heintz! Lees meer..

Vrienden Joods Utrecht

🕯️🕯️ Shabaton Utrecht🍷🥖

Chanoeka 2020 terugkijken

🎥 Masterclass Joods Monument

Op deze bijzondere locatie in Utrecht vertelt Bracha Heintz over de Joodse geschiedenis van Utrecht en blies Rabbijn Heintz op de sjofar. Bekijk ook de bijdragen van Wim Rietkerk en kunstenaar Amiran Djanashvili. Meer foto’s hier.