Categorie: Inspiratie

Toe Bishwat | Nieuwjaarsfeest van de bomen, leve je potentieel!

Toe Bishwat | Nieuwjaarsfeest van de bomen, leve je potentieel!

De Torah vergelijkt een mens met een boom. Ontdek tijdens het verjaardagsfeest voor de bomen meer over jouw onzichtbare wortels en jouw potentie om vrucht te dragen.

Download hier een printversie van dit artikel

De Mishnah vertelt ons dat er vier Joodse Nieuwjaren zijn, verspreid over het jaar. Eén van die vier is Toe Bishwat. ‘Toe’ betekent 15 en Bishwat betekent ‘in de maand Shewat’. Op de vijftiende van de maand Shewat wordt dit feest gevierd en zo heet het ook: 15 Shewat.

Toe Bishwat is een uitzonderlijk feest. Alle andere feesten in de Joodse kalender zijn met een bepaalde gebeurtenis in de geschiedenis verbonden. Met Pesach vieren wij de uittocht uit Egypte. Met Shawoe’ot is het ontvangen van de Torah aan de beurt en met Soekot herdenken wij het wonen in hutten in de woestijn. Op Poerim herdenken wij onze overwinning over Haman en zijn slechte bedoelingen en met Chanoeka werd de onderdrukking van Antiochus beëindigd. De drie hoofdfeesten zijn bovendien gerelateerd aan de landbouw.

Uniek feest: verjaardag van de bomen

Toe Bishwat is uniek omdat het niet aan een gebeurtenis verbonden is maar een datum in de kalender, namelijk 15 Shewat. Het is de verjaardag van de bomen, de grensdatum waarop de jaren van een boom geteld worden zodat wij weten bij welk jaar de vruchten horen. Dit was noodzakelijk i.v.m. het belastingstelsel dat in de tijd van de Tempel gebruikt werd en die in de Torah omschreven wordt.

Elke fruitteler of privépersoon die één of meer vruchtenbomen bezat moest van de oogst van elk jaar een bepaald percentage aan belasting weggeven. Bij het uitrekenen van dat percentage mocht men de oogst van het ene jaar niet met een ander jaar vermengen. Voor vruchten die aan een boom groeien was het begin en het einde van elk jaar Toe Bishwat en voor alle andere gewassen was het 1 Tishrie, Rosh Hashana, joods Nieuwjaar.

Toe Bishwat wordt nergens in de Torah als feestdag genoemd. Toch wordt het elk jaar gevierd door vruchten te eten, in het bijzonder die vruchten waarmee Israël in de Torah geprezen wordt: druiven, vijgen, granaatappels, olijven en dadels. Sommige mensen hebben de gewoonte om allerlei liederen te zingen en bepaalde gebeden uit te spreken o.a. de wens dat men graag voor het komende Soekotfeest een mooie etrog zou mogen vinden.

Winters geheim

Wat vreemd dat dit feest in het noordelijk halfrond, waar Israël zich in bevindt, midden in de winter valt. Waarom vieren we het niet in juli of augustus wanneer de bomen op z’n mooist zijn en vruchten dragen? Hoe kunnen we Toe Bishwat vieren en vruchten eten terwijl de bomen kaal zijn en misschien zelfs wel met sneeuw bedekt zijn?

Behalve de stam en de takken blijft er in hartje winter niet veel van de boom over. Waarom fruit eten die een boom op dat moment niet produceren kan? Het is buiten ijskoud, de wind blaast en de bomen lijken dood. Wat heeft dit te betekenen? Waarom huldigen we niet de bomen als ze bedekt zijn met bloesem, bladeren of nog beter met vruchten?

De Talmoed helpt ons verder en het is met name Rabbi Elazar (Rosh Hashana 14-1) die ons uitlegt dat tegen de tijd dat het in Israël Toe Bishwat is, de meeste regen van dat seizoen al gevallen is. De aarde is dan volledig doordrenkt met water en het nieuwe sap begint dan al in de bomen te stijgen. De nieuwe levenskracht van de bomen wordt vanaf die datum geactiveerd en zonder dat iemand er iets van merkt wordt het nieuwe leven aangewakkerd.

Toe Bishwat is het keerpunt voor elke boom, de overgang van herfst en winter naar lente en zomer. Een dag om te vieren: de verjaardag van de bomen. Mazal tov

Aan de oppervlakte lijken de bomen levenloos, kaal, droog, hard en koud. Geen teken van leven of groei. Maar toch is er ergens, uit het zicht, heel veel aan de hand. Het potentieel van de boom is opnieuw geschapen. Alles wordt nu in werking gesteld om de meest prachtige boom te laten voortgroeien en straks vol te laten zijn met bloesem, bladeren en uiteindelijk met heerlijke, sappige vruchten. Ergens in het geheim gebeurt er van alles.

Als een boom

Hierin ligt een ongelofelijke diepe les voor ons:

In Dewariem 20-10 staat הָֽאָדָם֙ עֵ֣ץ הַשָּׂדֶ֔ה”, “… een mens is een boom van het veld…”. De Torah vergelijkt een mens met een boom. Zoals een boom bestaat uit wortels, een stam en vruchten, zo heeft een mens zijn kinderjaren (de wortels), zijn volwassen jaren (de stam) en de tijd dat hij zijn vruchten afwerpt wanneer hij kinderen krijgt, werk verricht of hulp aanbiedt waar anderen van kunnen profiteren.

Een mens heeft ook een onbewust deel (de onzichtbare wortels), een bewust deel (de zichtbare stam) en uiteindelijk de impact en innovaties die hij teweegbrengt en waar anderen de vruchten van kunnen plukken.

Zo ook heeft hij zijn geloof dat onzichtbaar is voor iedereen, gelijk de wortels. Daarna komen zijn spirituele prestaties, Torah leren en mitswot uitvoeren die openbaar zijn vergelijkbaar met de stam van de boom. Uiteindelijk volgt de spirituele invloed die hij op anderen heeft, de inspiratie en bemoediging die hij bij zijn medemens teweegbrengt, zoals de vruchten die de boom schenkt aan de wereld om hem heen.

Verborgen potentieel

Van Toe Bishwat kunnen we leren dat er ook bij een mens het potentieel verborgen ligt, zoals het zaadje in de pit. De pit is keihard. Zelfs met een hamer krijg je die niet kapot. Maar op één of andere manier gaat diezelfde pit wel open in de aarde, waardoor het zaadje eruit kan komen.

Aarde vertegenwoordigt bescheidenheid. Aan het einde van het staande gebed zeggen wij dagelijks: ונפשי כעפר לכל תהיה’ ‘Laat mijn ziel ten aanzien van ieder ander als aarde zijn’.

De aarde is vies en modderig en voelt zich laag en nederig. Het is juist die aarde, die nederigheid, die de pit doet openen. Wanneer een mens zich bescheiden opstelt t.a.v. zijn medemens, hem ruimte geeft en hem onvoorwaardelijk eert, op dat moment gaat het pitje open en kan de groei van de boom beginnen. M.a.w. je ontwikkeling en groei begint in de aarde, in bescheidenheid. Je zult jezelf pas kunnen ontwikkelen mits je onvoorwaardelijk respect voor je medemens hebt, te beginnen met diegenen die het dichtst bij je staan. Men denkt soms veel te kunnen bereiken met een hamer, geschreeuw, overheersing en gedoe. Maar het is enkel de aarde, de nederigheid, de ruimte creëren voor een ander, die uiteindelijk de boom zijn nieuwe kracht geeft.

Misschien komt het woord aardig daar vandaan.

Nieuw leven

Maar het is buiten koud en de bomen zijn kaal en dood!!! Nee, integendeel, nieuw leven zit juist nu, achter de schermen, te bloeien en dit is wat wij vieren. Zo ook staan wij stil bij ons potentieel. Beoordeel noch jezelf noch een ander omdat er van de verandering en groei nog niets te zien is. Het potentieel is reeds aan het werk. Er wordt binnen in de boom vergaderd, gewerkt en gereorganiseerd.

De grootste successen worden nu in werking gesteld. Er gaat veel tijd overheen maar het doel is duidelijk: vruchten afwerpen en een positieve invloed hebben op de mensen om je heen. Albert Einstein en Louis Pasteur waren allebei hopeloze leerlingen. Beethoven kon geen viool spelen en zijn composities werden bekritiseerd. Hoeveel potentieel lag er wel in deze reuzen? Maar niemand had het door. Hun enorme inventieve energie was verborgen, ondergronds.

En wij kunnen van de bomen leren dat het potentiële in de mens gevierd dient te worden. Ooit zullen de vruchten komen. In het leven gaat het niet alleen maar om het doel. Ook de weg ernaar toe wordt gevierd.

Geruststellend

Dit is een uiterst geruststellend bericht, frisse lucht in een benauwde omgeving. Iedereen kan te maken hebben met ziektes, uitdagingen, financiële zorgen of problemen in je relaties. In deze duisternis, modder en moeilijkheden zit potentieel voor verandering, voor groei en voor een nieuwe realiteit.

Voordat het nieuwe seizoen kan beginnen, voordat er een verandering plaats kan vinden is er een fase van ontbinding van de oude realiteit, je oude situatie. Vervolgens begint de ontwikkeling van nieuwe frisse mogelijkheden doordrenkt met een nieuwe levenskracht die aan het werk gaat. Het is nog niet zichtbaar maar het gaat de goede richting uit.

Toe Bishwat leert ons niet te wachten op resultaat en vruchten, maar om het moment van keerpunt en ontluiking naar nieuwe groei te koesteren. Verlies je enthousiasme en passie niet terwijl je zo goed bezig bent.

Het leven kan soms hard zijn. Een mens kan helemaal uit elkaar vallen door de meest nare dingen die hij mee moet maken. Trauma’s en andere rottigheid bestaan. Hij valt daardoor uit elkaar, maar juist op dat moment, wanneer de oude sap en levenskracht hun werk niet meer doen gaat er ondergronds een nieuw bewustzijn aan het werk. Een nieuwe realiteit komt tevoorschijn. Langzaam maar zeker wordt de boom van binnenuit met een nieuwe levenskracht gevoed. Het oude, verrotte leven en zaadje maken plaats voor een nieuwe ontwikkeling en groei. Wees hiervan bewust en blijf geïnspireerd. De moeite die je nu doet om bijvoorbeeld je oude, verrotte relaties nieuw leven in te blazen geeft al reden om te vieren. Het resultaat zal pas later zichtbaar zijn.

Een boom die niet meer groeit is dood. Een mens die in oude patronen vastzit is losgekoppeld van zijn potentieel. ‘Aan het werk’ vertellen de bomen ons. Ontbind het oude en recreëer jezelf opnieuw met passie en vreugde.

Hierbij wil ik elke man, elke vrouw en elk kind onder ons feliciteren met het bereiken van je keerpunt en het begin van een nieuwe reis en ontwikkeling naar groei en impact op jezelf en de mensen om je heen.

Mazal tov!!!
Bracha Heintz

Gebaseerd op een les van Rav YY Jacobson
Met dank aan Rianne en Devorah voor hun opmaak en correcties.

 

Helpt u mee om de continuïteit van deze artikelen te waarborgen? Door te sponsoren word je een actieve partner en steun je ook verdere activiteiten! Doneren kan hier op chabadutrecht.nl/doneren

 

Bo | Vrijheid, wat doe je ermee?

Bo | Vrijheid, wat doe je ermee?

In Parashat Bo wordt een belangrijke fase in de Joodse geschiedenis beschreven: het overstappen van ballingschap naar bevrijding. Door de details van deze overgang te bestuderen, leren wij hoe wij  werkelijk vrij kunnen leven. 

Download hier het artikel in printversie (PDF) 

In onze Parasha komen de laatste drie plagen waarmee de Egyptenaren getroffen werden aan de orde. Ook worden het einde van de ballingschap en het begin van de uittocht uit Egypte gedetailleerd besproken. Deze hele geschiedenis heeft eenmalig plaatsgevonden. Toch gebiedt G-d het Joodse volk om deze uittocht regelmatig te herdenken. Dit is één van de 248 geboden. 

De uittocht uit Egypte vond plaats in het jaar 2448, bijna drie en een half millennia geleden. En nog houdt het ons bezig: jaarlijks met Pesach en zelfs dagelijks in ons gebed. 

Wat is er toch met de uittocht uit Egypte dat het ons tot op de dag van vandaag zo intens en zo diep raakt? Wat hebben wij te maken met een antieke beschaving, een Egyptische slavernij en wonderlijke plagen? Spreekt dit ons nog wel aan in een wereld van sportclubs, Facebook, razendsnelle jets en nog snellere smartphones?

Vergelijking Shabbat 

De Rambam, Rabbi Moshe ben Maimon (1135-1204), Torah geleerde en arts van het hoogste kaliber, noemt en beschrijft alle 248 geboden en 365 verboden. Wanneer hij in hoofdstuk 7 van zijn magnus opum de wetten van Pesach behandelt en het daarbij behorende gebod nummer 157 omschrijft, doet hij dat met de volgende bewoording: “Het vertellen van de wonderen die verricht werden voor onze voorouders in Egypte op de avond van 15 Nissan, zoals er staat (Shemot 13-3), herinner de dag dat jullie uit Egypte trokken, net zoals er staat (Shemot 20-7), herinner de Shabbat-dag.” 

Er komen allerlei belangrijke details aan bod, maar wat opvalt is dat de Rambam de herinnering aan de uittocht uit Egypte vergelijkt met het gebod om Shabbat te herdenken. Waarom deze vergelijking? Wat voegt het toe? Wat is het verband tussen de uittocht uit Egypte en Shabbat? Kunnen we hierdoor de uittocht uit Egypte beter begrijpen of herdenken? En zo ja, hoe? 

De Rogatchover Gaon, Rav Yosef Rosen uit Dvinsk (1858 -1936) verdiept zich hierin en legt de achterliggende gedachte van deze vergelijking uit: kennelijk probeert de Rambam de aard van de uittocht uit Egypte uit te leggen. Kennelijk zit er iets in het beleven van de Shabbat dat ons helpt om de uittocht uit Egypte beter te begrijpen en te integreren.

Het geheim ligt in het feit dat zowel de uittocht en de Shabbat beiden een negatief en een positief aspect hebben.

Sommige activiteiten zijn op Shabbat verboden, dat is het negatieve aspect. Andere handelingen voert men op Shabbat juist wel uit, dit is het positieve aspect oftewel het gebod van het vieren van deze bijzondere dag. Volgens de Rogatchover wil de Rambam ons leren dat net zoals de Shabbat zowel een negatief als een positief aspect heeft, zo ook is dit van toepassing op de uittocht uit Egypte. 

We beginnen met Shabbat toe te lichten.

Shabbat: rust én schepping 

Shabbat vier je op twee manieren: 

  1. Het negatieve aspect: er zijn bepaalde activiteiten die je op Shabbat níet uitvoert. Je beschermt de Shabbat door niet te werken, niet te koken, niets op straat mee te nemen, je mobieltje niet te gebruiken enzovoort. Pa en Ma rennen niet midden in de maaltijd weg voor één of andere vergadering en de kinderen hebben geen wedstrijd waar ze aan mee doen of waar ze naar willen kijken. Alle digitale apparatuur is veilig opgeborgen. De beltoon staat uit en de tijd staat stil. Dit is de passieve kant van Shabbat. Je voert geen handelingen uit die verboden zijn. Maar dan ben je er nog niet. 
  2. Het positieve aspect: Shabbat heeft ook een actieve kant. Je besteedt de dag met familie en vrienden, je zit samen aan tafel. Je maakt tijd voor gezelligheid, zingen, lernen en discussie. Je zorgt ervoor dat er gelegenheid is voor rust en meditatie. Tijd om je te verbinden met je dierbaren, jezelf, je ziel en je G-d. Een oase in de week. Eén dag waar je ervoor kiest om reflectie en introspectie voor jezelf mogelijk te maken en actief te genereren. 

Alleen het negatieve aspect is niet voldoende. Als je op Shabbat stopt met verboden handelingen te verrichten is dat nog niet voldoende om de intellectuele en emotionele diepte van de Shabbat te kunnen ervaren en voelen. Er hangt ook nog een actief deel aan. Zou je de hele Shabbat niets overtreden en bijvoorbeeld de hele dag rusten en slapen, dan nog heb je de Shabbat niet gevierd. Maar ben je actief bezig met de Shabbat door ook bepaalde positieve handelingen te verrichten, dan heb je het positieve deel toegevoegd en is je viering compleet. Lukt het je om op deze bijzondere dag op een ander niveau met jezelf en je medemens bezig te zijn dan ervaar je pas echt waar Shabbat voor bedoeld is: innerlijke ontspanning die je bereikt door die omstandigheden te creëren die ervoor zorgen dat je lichaam en ziel naadloos in elkaar overlopen. 

Shabbat is niet alleen een dag van fysieke rust, het is ook een dag van spirituele schepping. 
Het ene kan niet losstaan van het andere. 

Op vrijdagavond zingen we ‘שמור וזכור בדיבור אחד, ‘Bewaak en Gedenk in één uitspraak’. 
‘Bewaak’ betekent dat je geen verboden handelingen verricht, het negatieve element. ‘Gedenk’ is dat je acties uitvoert om de Shabbat speciaal te maken, het positieve element. Deze twee woorden werden als één woord gezegd. Toen G-d de tien geboden gaf heeft Hij op een wonderbaarlijke manier שמור  bewaak de Shabbaten זכור  gedenk de Shabbattegelijkertijd gezegd. Hij had eerst שמור  kunnen zeggen en vervolgens זכור.  Maar nee, het moest simultaan gebeuren. Beide zijn niet van elkaar los te koppelen. 

Besteed je de zevende dag van de week door alleen niet te werken, dan is de Shabbat aan jou voorbijgegaan. Anderzijds, wanneer je de Shabbat viert door bijvoorbeeld kidoesh te maken en je tegelijkertijd de Shabbat overtreedt, dan mis je de innerlijke rust die deze fantastische dag je had kunnen bieden. De positieve en negatieve componenten van Shabbat zijn niet van elkaar los te koppelen. Ze zijn één! 

Uittocht: vrijheid én invulling 

Laten we nu de uittocht uit Egypte analyseren: 

  1. De slavernij stopte en natuurlijk waren de Joden vrij. Inderdaad, zij waren geen slaven meer. Dit was geweldig! Dit is de passieve kant van de zaak. Want, wat nu? Je bent vrij en wat doe je er dan mee?
  2.  Nu je eenmaal vrij bent, is het wel zaak om die vrijheid te benutten, om er invulling aan te geven en om actief te gaan ontdekken wie je bent, anders weet je niet wie vrij is.

Wie ben je? En wat wil je? Wat kun je en wat heb je te bieden aan jezelf en aan anderen. Nu dat je vrij bent: ga je jezelf ontplooien en jouw unieke capaciteiten gebruiken of ga je bijvoorbeeld de buurman nadoen?

Het leven is één groot examen waarbij velen de antwoorden van hun buren kopiëren, niet wetende dat iedereen een andere vragenlijst heeft. 

Hoe vertaal je vrijheid? In het Hebreeuws kun je het חופש (chofesh) noemen, het moderne woord voorvrijheid en vakantie‘. Het is gerelateerd aan חפש, zoeken. Je bent wel vrij, maar je bent nog op zoek naar een invulling van die vrijheid. 

Of gebruik je het woord חרות (geeroet) dat ook vrijheid betekent, en tegelijkertijd ook als gegraveerd vertaald kan worden (zie Spreuken der Vaderen 6-2)?

De tien geboden waren in de stenen gegraveerd. Wanneer je met inkt op papier of perkament schrijft, dan is het geschreven woord niet totaal verenigd met de stof waar het op geschreven staat. Je zou de letters en de inkt immers van het papier kunnen verwijderen. Bovendien vervaagt de inkt sowieso na verloop van tijd. Daarentegen is het gegraveerde woord helemaal verenigd met en onafscheidelijk van de stof waar het in gegraveerd is. 

Dit staat symbool voor het feit dat de Torah en de materie helemaal met elkaar verenigd zijn en elkaar niet hoeven tegen te spreken. Integendeel, de Torah weet zich juist te verbinden met het fysieke. Men zou kunnen denken dat het materiële de spirituele ontwikkeling begrenst en tegenhoudt. Niets is minder waar. Als de Torah uitsluitend op een spirituele manier uitgedrukt zou kunnen worden, dan had G-d deze G-ddelijke leer beter aan de engelen kunnen gevenen niet aan de mensen hier op aarde. Maar de Torah is hier aanwezig, in deze wereld, juist om ons de gelegenheid te geven om het spirituele en het materiële met elkaar te verbinden. Iets dat alleenhier benedenplaats kan vinden. 

Materie inzetten 

Maar hoe doen wij dat? Neem bijvoorbeeld geld, een voorbeeld van materie bij uitstek. Wat doe je ermee? Waar gebruik je het voor? Om je begeertes te bevredigen of om je noodzakelijke spulletjes aan te schaffen? Om het te verspillen of om een deel ervan te gebruiken om een ander te helpen? 

Wanneer in jouw leven de Torah zich kan verenigen met de materiële wereld om jou heen, dan is de materie geen belemmering, maar juist een middel om uitdrukking te geven aan je spiritualiteit. Het lichamelijke heeft dan geen grip op je maar andersom: jij bent diegene die de materie controleert en het benut op een speciale manier Je bent niet van de materie afhankelijk en je bent er niet aan verslaafd. Integendeel, jij weet de fysieke wereld om jou heen te gebruiken, te sturen en te kanaliseren om jouw talenten en jouw gaven te ontplooien. 

De materie helpt jou om jezelf te zijn, om vrij te zijn. Dit is waarom Hashem ervoor gekozen heeft om de tien geboden in te graveren. De letters zijn hierdoor onafscheidelijk en compleet verenigd met de steen.

Heeft de materie jou in zijn greep? Word je erdoor belemmerd? Ben je eraan verslaafd? Gebruik je het om je behoeftes te bevredigen? Of ben jij diegene die de materie benut en stuurt om gezond te leven, de geboden uit te voeren en je medemens te helpen? Ben jij diegene die de materie gebruikt of laat je je door de materie gebruiken? Wie is de baas? 

Vrijheid is geen eindstation. Zo zien we dat in de Torah de uittocht steeds gekoppeld wordt aan het dienen van G-d door middel van het ontvangen van de tien geboden, gegraveerd in de stenen tafelen. 

Inhoud geven 

Kijk maar: wanneer G-d Moshe toespreekt bij de brandende struik zegt Hij: 
Als je het volk uit Egypte zult halen zullen zij G-d dienen op deze berg (Sinaï).’
Shemot 3-12 

Als G-d Moshe gebiedt om naar Farao te gaan om de zevende plaag aan te kondigen, moet Moshe tegen Farao zeggen: 
Stuur Mijn volk en ze zullen Mij dienen.’ 

Shemot 9-13 

In deze citaten zien we dat de vrijheid gekoppeld is aan een vervolg, iets wat op de berg Sinaï ging gebeuren, namelijk het ontvangen van de Torah, de tien geboden die in steen gegraveerd zijn. 

Zonder deze koppeling heeft de uittocht geen zin. 

Vandaar dat Shawoe’ot, het feest van de ontvangst van de Torah, geen vaste datum in de kalender heeft. Alle andere feestdagen hebben dat wel, ze hebben een eigen onafhankelijk bestaansrecht. Zij worden op een bepaalde datum in de maand gevierd. Maar het ontvangen van de tien geboden, dat wij met Shawoe’ot vieren, is nauw verbonden met de uittocht uit Egypte. Daarom wordt het 49 dagen daarna gevierd. Wanneer die 50ste dag is, is niet altijd op dezelfde datum. Dit kan variëren afhankelijk van de datum waarop de nieuwe maan gezien wordt. 

Pesach, de uittocht uit Egypte en Shawoe’ot , het ontvangen van de Torah, zijnfeesten die onafscheidelijk met elkaar verbonden zijn omdat het doel van de uittocht het ontvangen van de Torah is. Het doel van de vrijheid uit de slavernij is door middel van de Torah vrij te zijn van de grip die de materiële wereld op je kan hebben. 

Je zou het kunnen vergelijken met een gevangene die op straat komt, die niet gerehabiliteerd is en zichzelf niet kan helpen om een nieuw bestaan op te bouwen. Zolang hij geen invulling aan zijn vrijheid weet te geven, is hij nog steeds een gevangene. Deze keer zijn het niet de muren van de inrichting die hem tegenhouden, maar zijn eigen innerlijke beperkingen. 

Nu is het duidelijk waarom de Rambam Shabbat en de uittocht uit Egypte met elkaar vergelijkt. Door je op Shabbat te weerhouden van specifieke handelingen, schep je een sfeer en een kader die je alsnog dient in te vullen. 

Zo ook dien je aan je verkregen vrijheid een waardevolle inhoud te geven! 

Wat doen wij met onze vrijheid? Hebben wij misschien de slavernij van Egypte omgeruild voor een slavernij aan gewoontes en lege egoïstische tijdsbestedingen? 

Wij kunnen veel meer. Door ons uit de Egyptische slavernij te halen heeft G-d een gevoel van vrijheid en onafhankelijkheid in ons geprogrammeerd. We zijn sindsdien uitgerust met een drang naar vrijheid en onafhankelijkheid waar wij ons millennia lang aan vast hebben kunnen houden. Hoe? Door die vrijheid, zelfs tijdens gevangenissen, brandstapels en vernietigingskampen, in te vullen met wie wij werkelijk zijn, waar we vandaan komen en vooral waar we heen willen gaan.  Ook al zit ons lichaam vast, onze geest blijft altijd vrij. Niets en niemand kan onze ziel gevangen nemen.

Het Joodse volk heeft bij de uittocht uit Egypte vrijheid ervaren en er invulling aan mogen geven. Dat vrijheidsgevoel is van generatie op generatie overgebracht en verder naar alle volkeren verspreid. Vandaag wordt een groot deel van de mensheid geïnspireerd om keihard voor z’n vrijheid te knokken. Koningen, graven en andere “belangrijke mensen” die de vrijheid van anderen beperken worden niet meer getolereerd. Denk aan de vrijheidsstrijders in de koloniën en de slaven die zongen: Go down Moses…. De bevrijding uit Egypte heeft de mens doordrongen van een vrijheidsgevoel waar hij voor zal blijven vechten: het recht om niet alleen vrij te zijn maar om daar ook een waardevolle invulling aan te geven.

Ik ben geen slaaf meer, maar wie en wat ben ik dan wel?    

Bracha Heintz   
06-28478657
chabadutrecht.nl

Gebaseerd op een les van Rav YY Jacobson
Met dank aan Rianne Meijer, Sonja Tamam en Devorah van der Heiden voor de opmaak.

 

 

 

Waëra | Joodse identiteit: een vonkje dat nooit dooft

Waëra | Joodse identiteit: een vonkje dat nooit dooft

Jouw Joodse identiteit negeren? Dit vonkje zal nooit doven. Jodendom is namelijk niet iets wat je doet of waar je in gelooft; het is iets wat je bent. De meest hardnekkige ongelovigen in Egypte ontdekten het ook: de Joodse identiteit laat zich niet uitschakelen.

Dowload hier een printversie van het artikel (PDF)

Het was Shabbatochtend en Rav Adin Steinsaltz (1937-2020), liep in de oude stad van Yerushalayim naar sjoel en ontmoette een Israëlische seculiere professor, die een hekel aan het Jodendom had. Nadat ze elkaar gegroet hadden, ging het gesprek ongeveer als volgt:

De Professor: ‘Ik heb echt medelijden met je!’
De Rav: ‘Hoezo?’

De Professor: ‘Nou, ik ga ter ere van Shabbat eieren met spek eten! Trouwens, weet je dat het best moeilijk is om een plekje in Yerushalayim te vinden waar je dat kunt eten? Maar ik weet precies waar het wel kan!’
De Rav: ‘Interessant ontbijt! En hoe zit het met de lunch?

De Professor: ‘Oh heel simpel, voor de lunch ga ik met mijn hele gezin kreeft en garnalen eten. Daarna gaan we met z’n allen naar het strand, we nemen zoveel mogelijk spullen mee. We gaan ook nog naar de bioscoop en dan gezellig ergens wat drinken.’
De Rav: ‘Ik ben jaloers.’

De Professor: ‘Natuurlijk ben je jaloers; jij bent religieus en daardoor een slaaf omdat je verplicht bent om je aan tal van voorschriften te houden en ik ben seculier en vrij om te doen en te laten wat ik wil.’
De Rav: ‘Nee mijn beste vriend. Dat is niet de reden dat ik jaloers ben. Kijk, voor mij is Shabbat een routine dag. Het is weliswaar een speciale dag, maar eerlijk gezegd toch elke week een beetje hetzelfde. Ik ga naar sjoel, daarna maak ik kidoesh, vervolgens eet ik een maaltijd, lern ik wat enzovoort. Maar jij, jij stopt zoveel energie in de Shabbat. Jouw hele dag is helemaal op de Shabbat gericht. Je blijft niet gewoon thuis om de krant te lezen of om je lekker te ontspannen. Nee, omdat het Shabbat is, ga jij juist allerlei dingen doen die op Shabbat verboden zijn. Je bent heel geconcentreerd bezig. De Shabbat is een dag die jou diep raakt, een dag waar jij heel consciëntieus mee omgaat. Elke actie heb jij doelbewust gekozen en jouw focus is helemaal op deze bijzondere dag gericht. Wauw, daar ben ik nu jaloers op. Jij viert ook Shabbat. Jij op een negatieve manier en ik op een positieve manier.’

Tot zover het gesprek op een Shabbatochtend in Yerushalayim.

Identiteit is blijvend

Een dergelijk fenomeen observeren wij ook bij Elisha ben Awoeja. Elisha ben Awoeja was een grote geleerde uit de de eerste en tweede eeuw, die na de verwoesting van de tweede tempel leefde. Awoeja werd ook ook wel Achér (= anders) genoemd. Hij werd zo genoemd omdat hij op een gegeven moment in zijn leven ervoor koos om de Joodse tradities te laten vallen, om anders te gaan leven. Zo wordt er verteld hoe hij op Yom Kipoer op z’n paard ging rijden, precies op de plek waar voorheen de heilige Tempel was geweest.

Als het Jodendom in zijn ogen totaal waardeloos was, waarom ging hij dan juist op de heiligste dag van het jaar, op de heiligste plek rijden? Het betekende toch allemaal niets voor hem? Waren er geen andere wandelpaden voor paarden te vinden? Als hij zo van paardrijden hield, waarom per se op Yom Kipoer en waarom per se op de meest heilige locatie op aarde? Waarom niet een rondje in de Negev of in de Golan? En waarom niet op een gewone dinsdag of woensdag?

Ook Elisha ban Awoeja was verbonden met het Jodendom. Weliswaar op zijn eigen manier, een andere – achér – manier, maar nog steeds sterk verbonden. Want ziet U, het Jodendom is niet iets wat wij doen of waar we in geloven. Het is iets wat wij zijn, het is onze essentie en dat blijft. Er is een onderscheid tussen hetgeen iemand doet en hetgeen iemand is. Je doen en laten kan je veranderen, maar je identiteit is blijvend.

Joods vonkje

Vele mijlpalen die wij in het leven hebben mogen bereiken en waar we misschien trots op zijn geven ons steun, houvast en plezier. Echter deze zaken zijn niet altijd van blijvende aard.  Soms raken ze verloren of worden ze van ons weggenomen. Ze kunnen komen en gaan. Wat altijd blijft en wat niemand van je af kan nemen is je kern, je essentie, je ware ik, je eigen Joodse vonkje, je neshama, je Joodse ziel.

Dit is ook de reden dat er in de meeste synagogen een eeuwig brandend licht is. Dit lichtje staat symbool voor het feit dat het G-ddelijke licht eeuwig aanwezig is en dat het Joodse vonkje in jezelf, de diamant in je hart, dag en nacht blijft branden.

Natuurlijk is het wenselijk om deze schat regelmatig op te poetsen en schoon te maken. Een ruwe diamant ziet eruit als een gewone steen. Ook onze ziel lijkt soms onherkenbaar, zo bedekt is zij met viezigheid, fout gedrag en overtredingen. Elke ziel heeft een regelmatige poetsbeurt nodig om te gaan glimmen. Dat kan met behulp van Torah en mitswot. Geef elke ochtend voor dat je het huis verlaat een muntje in het tsedaka busje en je hebt je eerste schoonmaakbeurt al gehad. Ga bewust om met hetgeen je gedurende de dag in je mond stopt (kosher voedsel?) en wat er weer uit gaat (lieve woorden of kwaadsprekerij). Zo veel goede daden liggen er voor het oprapen. Pak ze op, niet alleen voor je medemens of voor G-d, maar gewoon voor jezelf, omdat het bij je past, omdat het klopt. Omdat jij uiteindelijk diegene bent die zich daar het prettigst bij voelt.

Om te overleven heeft een mens voor zijn lichaam eten, drinken en kleding nodig. Zo niet dan wordt hij ziek of valt hij flauw. Zo ook heeft de ziel voedsel nodig, namelijk het leren van de Torah. De ziel heeft ook kleding nodig en dat wordt vertegenwoordigd door het uitvoeren van goede daden. Zo valt zijn ziel niet flauw. Anders kan een mens zo maar in een soort spirituele coma terecht komen. In deze slapende toestand is hij ongevoelig voor z’n medemens en voor hemelse zaken.
Maar af en toe wordt hij door omstandigheden wakker geschud. Hij raakt door iets of iemand geïnspireerd. Of hij is op een bepaalde plek op aarde, zoals de Klaagmuur in Yerushalayim en de emoties overrompelen hem. Op dat moment heeft hij de hemel geraakt. Maar wat gaat er nu gebeuren? Zakt hij weer weg in zijn dagelijkse routine of weet hij het gevoel vast te houden en ermee aan de slag te gaan? Het is aan hem om die inspiratie te verwerken en te vertalen naar een nieuwe, andere manier van leven. Stapje voor stapje, beetje bij beetje. De opgedane inspiratie is een injectie die hij kan gebruiken. Hij is nu in de gelegenheid om wakker te blijven door zijn enthousiasme in daden om te zetten voordat hij weer in coma raakt.

Mocht de diamant in jezelf toch weer met stof en aarde bedekt worden, met rommel en viezigheid, met ongewenste handelingen en verkeerde activiteiten, toch blijft deze waardevolle edelsteen in jouw hart voortbestaan. De ziel wacht dan geduldig af om uitgegraven en geslepen te worden zodat haar licht weer kan schijnen.

‘Ook al ga je er negatief mee om, je blijft ermee verbonden.’

Hoe je ook omgaat met je neshama, je Joodse ziel, je hebt altijd met deze diamant en vonk te maken. Ook al ga je er negatief mee om, je blijft ermee verbonden. Dit is je essentie. Hier kun je niet omheen. Vroeg of laat komt je eigen ziel bij je aankloppen voor aandacht. Doe dan niet alsof het niet bestaat, val dan niet in je eigen kuil. Neem jezelf niet in de maling. Kom los van je illusies.

Verbeelden dat jij je Joodse hart kunt negeren? In wezen ben je er, hoe dan ook, ontzettend mee bezig.

Niet te verslaan

Dit was de bedoeling van de plagen, waarvan er deze week zeven ter sprake komen. ‘Kom uit Egypte, uit Mitsrayim!’. Het woord Mitsrayim, Egypte, betekent ook begrenzingen.  Elke plaag was een leermoment. Een begeleiding van G-d, om zowel de Joden als de Egyptenaren te helpen om buiten hun begrenzingen en illusies te treden om hun valse denkpatronen te doorbreken. Ze moesten begrijpen dat hoe mooi natuur en logica ook kunnen zijn, er altijd een macht is die daar boven staat en die dit allemaal controleert.

Wie is de baas van de wereld? Is het Farao die van zichzelf zei dat hij god was en dat hij de Nijl had geschapen? Of was het de Nijl zelf, die het hele land irrigeerde? In Egypte regent het nooit en de enige aanwezige waterbron is deze rivier. Maar wie heeft de Nijl gemaakt en wie is de baas over dit stromende water? Wie was bij machte om ervoor te zorgen dat deze rivier een zegen of een vloek voor het land zou zijn, een bron van welvaart of de oorzaak van ellende, tsunami’s, plagen, en overstromingen?

De ene na de andere plaag sloeg toe. Eerst veranderde het water van de Nijl in bloed. Vervolgens kwam uit deze machtige rivier een enorme kikker die zich vervolgens vermenigvuldigde. In de eerste twee plagen wordt ‘het almachtige water’ van de Nijl getroffen. De bron van de hele Egyptische economie – en tevens de afgod – werden geraakt.

Egyptische tovenaars probeerden Moshe en zijn plagen na te doen, maar vanaf de derde plaag lukte het niet meer. De illusionisten waren verslagen. Plaag na plaag ontdekten de meest hardnekkige ongelovigen dat G-d de baas was. Op het moment dat Farao dacht alles onder controle te hebben sloegen de plagen toe. Men bleek toch minder controle te hebben dan aanvankelijk gedacht. Alle spelletjes waren voorbij. Een plaag of ziekte laat al gauw zien wie de Allermachtigste is.

Net zomin als je G-d zou kunnen weghalen, verslaan of doen verdwijnen, zo ook is het onmogelijk om dat Joodse vonkje in jezelf te doven. Blijf dus wakker en houd jezelf bij de les want het vonkje blijft branden en jou bezighouden. Hopelijk op een positieve manier!

Bracha Heintz
chabadutrecht.nl

Met Dank aan Rianne, Sonja en Devorah voor de opmaak.

Vragen en commentaar zijn zeer welkom en kunt U hieronder bij reacties plaatsen.
Uw positieve en negatieve feedback wordt zeer gewaardeerd!

Afbeelding bovenaan: Ner Tamid, symbool voor G’ds constante aanwezigheid.

 

Even voorstellen

Samen al meer dan 30 jaar in Utrecht aan het werk: rabbijn & rebbeztin Heintz! Lees meer..

🌿 Soekot in Utrecht

Vrienden Joods Utrecht

Poerim 2019 Utrecht 🤹‍♂

💐 Bedankt 💐 aan alle vrijwilligers!


De Soeka wordt met behulp van Michel, Ronald en Shaul netjes gedemonteerd en opgeborgen zodat hij volgend jaar weer opgebouwd kan worden.
💐BEDANKT 💐 aan alle vrijwilligers die Rosh Hashana, Yom Kipoer en Soekot mogelijk hebben gemaakt.

De diensten zijn ruim bijgewoond.
De Joodse studenten waren volop aanwezig.
De kinderen zijn met knutselen blij gemaakt.
Er is gebeden, geleerd, gezongen en gedanst.
We kijken terug naar een succesvolle maand en nemen de spirituele bagage mee naar de rest van het jaar.

Resteert nog de gelegenheid om de financiële gaten te dichten. Heb je al een extraatje gedoneerd, hartelijk dank hiervoor en zo niet, dan is er nu de gelegenheid om dat alsnog te doen zodat wij door kunnen gaan om Joods bewustzijn in Utrecht levend te houden! ✨