
Metsora | Jouw woorden kunnen opbouwen of verwoesten
Met woorden kun je mensen maken of breken. Kwaadspreken zegt meer over de spreker dan over diegene over wie gesproken wordt. Reis met ons mee en ontdek hoe de Torah op subtiele wijze ons uitlegt wat de oorzaak van kwaadspreken is en hóe het te genezen. En jij? Probeer jij jezelf boven anderen te verheffen door kwaad over hen te spreken of stralen jouw woorden zelfrespect en liefde uit?
Download hier een printversie van dit artikel (PDF)
Twee broers speelden samen. De jongste was langer en dat kon de oudste niet verdragen. Dus zette hij zijn broertje in een kuil, zodat hij zelf de langste leek. Toen hun vader, de Rebbe Maharash dit zag, vroeg hij aan de oudere broer waar hij mee bezig was. De jongen antwoordde: ‘Het is niet eerlijk dat hij jonger is en toch langer. Daarom heb ik hem in een kuil gezet, zodat ik langer lijk. Waarop zijn vader zei: ‘Als je hoger wilt zijn, klim dan zelf op een aardhoop.’
Maar op een aardhoop klimmen is lastig en vermoeiend. Vandaar dat wij meestal de voorkeur geven aan een gemakkelijkere weg. Bewust of onbewust kiezen wij er vaak voor om een ander persoon te verlagen in plaats van onszelf te verheffen.
Woorden hebben scheppingskracht
Spreken is een krachtig middel. De wereld is immers niet door bepaalde handelingen tot stand gekomen maar door woorden, zoals het staat in Bereeshiet (1-3): ‘En G-d zei, ‘…er zij licht’, en er was licht’.
Woorden zijn niet slechts klanken; zij dragen scheppingskracht in zich. Ze zijn door G-d gebruikt om de wereld te creëren. De letters van elk Hebreeuws woord zijn geen toeval, maar een code, het DNA waarin ieder schepsel besloten ligt. Woorden zijn geen toevallige aanduidingen, maar dragen de innerlijke structuur van de werkelijkheid in zich.
Denk je dat het niets uitmaakt wat je zegt?
Denk je dat alleen daden werkelijk betekenis hebben?
Spreken lijkt misschien onbeduidend, maar de Joodse traditie leert ons dat elk woord niet alleen waarde heeft; het kan zelfs van doorslaggevend belang zijn. Met woorden kun je scheppen of vernietigen. Je kunt ermee bouwen of afbreken, je medemens groot maken of hem helemaal afbreken. Niet alleen dat, het zou zomaar kunnen zijn dat als je iets voorspelt, het ook zo zal gebeuren. Woorden hebben de kracht om realiteit te vormen. Spreek je negatief, dan kan de uitkomst zich precies in die richting ontwikkelen. Spreek je positief, dan open je de deur naar een positieve werkelijkheid.
Zo werkt het ook wanneer je over een ander spreekt of over jezelf. Wanneer je het goede benoemt, geef je het kracht. Zelfs als de ander je woorden niet hoort, worden de positieve aspecten door jouw spreken belicht en versterkt. Het negatieve verliest vanzelf aan invloed. Maar wanneer je negatief spreekt, versterk je juist datgene waar je zo last van hebt. Door je kwaadsprekerij ben je juist bezig het probleem te voeden en groter te maken. Niet wijs.
Laster brengt scheiding
In de tijd van de Tempel waren de mensen spiritueel zo gevoelig dat, wanneer zij kwaadspraken, er een bepaalde spirituele huidziekte ontstond die Tsaraat heette. De zieke werd Metsora genoemd en zo heet de Parasha van deze week. Metsora betekent letterlijk ‘hij uit iets slechts’.
Zo zien we dat Moshe door deze ziekte getroffen werd toen hij bij de brandende struik kwaadsprak over het Joodse volk (Shemot 4):
וַיַּ֤עַן מֹשֶׁה֙ וַיֹּ֔אמֶר וְהֵן֙ לֹֽא־יַאֲמִ֣ינוּ לִ֔י וְלֹ֥א יִשְׁמְע֖וּ בְּקֹלִ֑י כִּ֣י יֹֽאמְר֔וּ לֹֽא־נִרְאָ֥ה אֵלֶ֖יךָ ה’׃
En Moshe antwoordde en hij zei, zij zullen mij niet geloven en zij zullen niet naar mijn stem luisteren, want zij zullen zeggen G-d is niet aan jou verschenen.
Daarna moest Moshe Rabbeinu zijn hand op zijn borst plaatsen, en toen hij deze terughaalde, was zij getroffen door tsaraat, een huidaandoening wit als sneeuw. Dit kwam doordat Moshe negatief had gesproken over het Joodse volk, door te zeggen dat zij hem niet zouden geloven.
Wanneer deze ‘ziekte’ vroeger werd vastgesteld, werd de betrokkene onrein verklaard en tijdelijk buiten de stad in quarantaine geplaatst. Door zijn laster had hij mensen van elkaar verwijderd en verdeeld; als correctie moest hij zelf de pijn van isolement ervaren. Wanneer na verloop van tijd de ziekte verdwenen was, bracht de gewezen kwaadspreker een offer om zijn reiniging te voltooien. Dit offer bestond uit twee vogels: één werd geslacht, de ander werd na een bijzonder ritueel vrijgelaten. En juist daar ligt een diepere boodschap verborgen.
Waarom werden er specifiek vogels gekozen?
En waarom werd de tweede vogel niet geslacht, maar vrijgelaten?
Vogels
De Talmoed geeft antwoord: vogels fluiten en kwekken aan één stuk door. Zoals de kwaadspreker zijn mond niet kon houden, zo zingen vogels non-stop. Laster moet stoppen, vandaar dat de ene vogel geslacht werd. De tweede, die bij het ritueel gebruikt werd, bleef leven; een mens is namelijk niet alleen verantwoordelijk voor de slechte woorden die hij uitspreekt. Hij moet ook verantwoording afleggen voor wat hij níet gezegd heeft wanneer hij zijn mond wél open had moeten doen.

Kwaad kan slechts gedijen wanneer men zwijgt.
Ijow, adviseur van Farao, werd gestraft omdat hij zweeg toen de Endlösung van het Joodse volk in het Egyptische paleis besproken werd. Awiehoe vond de dood omdat hij niet protesteerde toen zijn broer Nadav kwaadsprak over Moshe en Aharon.
Heel veel ellende had in de Tweede Wereldoorlog voorkomen kunnen worden als de vrije landen tijdig op waren gekomen tegen de bezetting en het uitroeien van miljoenen mensen! In 1938 annexeerde het naziregime het Sudetenland, dat toen deel uitmaakte van het toenmalige Tsjechoslowakije. Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk moedigden de annexatie aan om zo de vrede te kunnen bewaren. De rest van de wereld keek weg. In 2014 annexeerde Rusland de Krim. Ook dit werd door de wereld gedoogd. Wat de gevolgen van dit zwijgen zijn, is helaas overduidelijk.
Soms moet je stil zijn, maar wegkijken en zwijgen terwijl het kwaad gedijt is ronduit levensgevaarlijk.
Kwaadspreken
Tsaraat was niet alleen een ziekte die zich op de huid manifesteerde. Ook kleding of de muren van je huis konden bepaalde vlekken vertonen die door de priesters geanalyseerd moesten worden om te kijken of het tsaraat was of niet. De Torah omschrijft precies aan welke voorwaarden een vlek moest voldoen om als tsaraat te worden bestempeld of niet. Soms werd er een week gewacht om te kijken of er veranderingen in de Tsaraat te bespeuren waren. Als de ziekte aanhield, moest gedragen kleding weleens verbrand worden en bevlekte muren verwoest om op een afdoende manier de ziekte en de zieke te genezen.
De Rambam vertelt ons dat kwaadspreken, ook al is wat wij zeggen waar, even erg is als moord, verboden relaties en afgodendienst samen! Iedereen weet het: kwaadspreken is verboden, maar toch wordt het zo veel gedaan. Wat is het toch dat men de verleiding niet kan weerstaan?
Men zou kunnen denken dat er een of ander mystiek verband bestaat tussen lasteren en de Tsaraatziekte en die zal er heus wel zijn. Er bestaat echter ook een simpel en direct verband. Iemand die kwaadspreekt, doet dit niet zomaar. Hij denkt daar iets mee te bereiken. Wat hij zeker bereikt, is een misvorming van zijn huid. Deze huidverminking weerspiegelt de vervorming van zijn eigen geest.
Mensen die lekker in hun vel zitten en mentaal gezond zijn hebben geen behoefte aan kwaadspreken. Ze hoeven zichzelf niet te verheffen door een ander te vernederen. Ze zijn zelf al op een aardhoop, misschien niet bovenaan, maar ze dromen wel van een ladder die aan de onderkant op de grond staat en aan de bovenkant de hemel bereikt. Ze zijn bezig om hun eigen potentieel te ontwikkelen en niet met het belichten van wat anderen verkeerd doen.
וַֽיַּחֲלֹ֗ם וְהִנֵּ֤ה סֻלָּם֙ מֻצָּ֣ב אַ֔רְצָה וְרֹאשׁ֖וֹ מַגִּ֣יעַ הַשָּׁמָ֑יְמָה
En hij (Yakov) droomde over een ladder die op de aarde stond waarvan de bovenkant de hemel bereikte…
Stevig in je schoenen
We leven in de realiteit. Tegelijkertijd weten wij deze realiteit te combineren met een hoger doel, met een ideaal. Een mens kan zich met iets hogers verbinden. Hij kan zijn aandacht af en toe focussen op het feit dat G-d onvoorwaardelijk van hem houdt, precies zoals hij is, ongeacht zijn gebreken of zijn fouten. Als hij dat doet, zal hij een aangenaam beeld van zichzelf ontwikkelen. Hij zal lekker in zijn vel zitten en geen behoefte hebben om een ander met woorden te verlagen. Hij blijft realistisch en is zeker niet blind voor de feiten om hem heen. Hij weet wel degelijk wanneer iemand anders fouten maakt. Het is niet zo dat hij zich weerhoudt van laster omdat hij bang is voor een G-ddelijke straf. Hij ondersteunt de verkeerde handelingen die hij bij een ander waarneemt absoluut niet. Dit motiveert hem echter niet om er met anderen over te spreken. Nee, hij gaat juist actie ondernemen om zijn vriend te helpen om de situatie te corrigeren. Bij hem is er geen behoefte aan laster! Want kwaadspreken over een ander heeft in de geschiedenis nog geen enkel probleem opgelost of een wond genezen of een negatieve situatie verbeterd.
Als je behoefte hebt om kwaad te spreken, is dat waarschijnlijk uit onzekerheid en arrogantie. Die twee gaan altijd samen. Maar als je mentaal en emotioneel gezond bent en stevig in je schoenen staat, dan heb je geen laster nodig om een diep en ongelukkig gat in jezelf op te vullen.
Dan ben jij een ladder-persoon. Iemand die weliswaar aards is, met alle problemen die daarbij horen, maar ook iemand die zich tegelijkertijd bewust is van het feit dat hij de hemel kan raken. Niemand kan jouw waardigheid en zelfrespect afnemen. Je hebt een bepaald doel waar je je op focust en het negatieve dat om je heen gebeurt is geen reden voor jou om tot kwaadspreken over te gaan.
Drie vormen van laster
De Torah noemt drie soorten Tzaraat in Wajiekra 13-2. De aandoening kon drie vormen aannemen:
- שְׂאֵ֤ת > een zwelling
- סַפַּ֙חַת֙ > een vlek
- בַהֶ֔רֶת > een lichtverkleuring
Alle drie vormen zij een directe weerspiegeling van de innerlijke gesteldheid van de kwaadspreker. De huid onthult de aard van het probleem.
De zwelling is de persoon die zich onzeker voelt en zich verheft door een ander in een kuil te plaatsen. De ene verdooft zijn onaangename gevoelens door een driedubbele maaltijd te eten en een ander gebruikt laster als uitlaatklep.
De vlek bevindt zich op de huid, maar hoort er niet werkelijk bij. Zo is ook deze vorm van laster geen uiting die van binnenuit komt, maar iets wat zich als een extra laag aan de mens hecht, vreemd, oppervlakkig en oneigen. Het aangetaste weefsel hoort niet bij het lichaam; het verstoort wat gezond en heel is. Dit staat symbool voor degene die meedoet. Hij is niet degene die begint met kwaadspreken, maar eenmaal in gezelschap ontbreekt het hem aan de moed om zich los te maken. Hij zwijgt niet, hij loopt niet weg en hij laat zich meevoeren. Wat bij hem ontbreekt, is de innerlijke wilskracht om trouw te blijven aan wie hij werkelijk zou willen zijn.
De lichtverkleuring staat symbool voor degene die denkt alles ‘helder en licht’ te zien. Hij neemt bepaald gedrag waar en meent direct te weten wat de ander daartoe heeft bewogen. Zijn oordeel staat al vast, nog vóór hij de moeite neemt om te vragen wat er werkelijk speelt. Die schijn van duidelijkheid is geen inzicht, maar arrogantie. Zo overtuigd is hij van zijn eigen gelijk dat hij geen ruimte laat voor nuance, geen plaats voor twijfel. Maar in plaats van kwaad te spreken, kan hij ook vragen stellen. In plaats van te oordelen, kan hij proberen te begrijpen. Misschien kan hij zelfs helpen oplossen, in plaats van het probleem en degene die eronder lijdt nog verder de grond in te boren. Het vermogen om de ander het voordeel van de twijfel te geven, getuigt van ware grootsheid en diepe bescheidenheid.
Ben je zelf gezond, dan heeft laster jou niets te bieden.
Ben je een zuurpruim, dan zie je bij jezelf en bij anderen een berg van negativiteit.
Ben je een levensgenieter, dan zijn de moeilijkheden niet verdwenen, noch van jezelf noch van een ander, maar je kijkt er wel anders naar.
Hoe je kijkt
Ook daarover geeft de Torah ons een subtiele boodschap: soms moest een kledingstuk waar Tsaraat op geconstateerd was gewassen worden waarna er een week gewacht moest worden:
וְרָאָ֨ה הַכֹּהֵ֜ן אַחֲרֵ֣י ׀ הֻכַּבֵּ֣ס אֶת־הַנֶּ֗גַע וְ֠הִנֵּה לֹֽא־הָפַ֨ךְ הַנֶּ֤גַע אֶת־עֵינוֹ֙
En de Kohen zal kijken nadat de vlek gewassen is en zie, het oog van de vlek was niet omgewenteld…
Wat wordt bedoeld met ‘het oog van de vlek’? Natuurlijk verwijst dit naar hoe de vlek eruitziet, maar waarom gebruikt de Torah juist het woord עין (ajien), dat ‘oog’ betekent en tevens de zestiende letter van het Hebreeuwse alfabet is? Omdat het verschil tussen kwaadspreken en zwijgen direct verbonden is met het oog d.w.z. met de manier waarop je kijkt. Alles begint bij perceptie. Hoe je kijkt, bepaalt wat je ziet. En wat je ziet, bepaalt wat je zegt.
Dit komt prachtig tot uiting in het subtiele verschil tussen נגע (nega), een plaag, vlek of aantasting en ענג (oneg), vreugde, genot. Dezelfde letters, slechts anders gerangschikt. Het enige verschil? De plaats van de letter עין dat tevens oog betekent. Waar staat jouw oog? Kijk je met een blik die zoekt naar tekortkomingen of met een blik die een ander ruimte geeft?
De twee woorden נגע (negua), plaag en ענג (oneg) plezier, hebben beide dezelfde letters, alleen de volgorde van de letters is anders. Bij het woord נגע (negua), plaag, staat de letter ע, dat oog betekent, als laatste en bij het woord ענג (oneg) staat de letter ע (oog) als eerste. En daar moest de Kohen naar kijken: Waar was jouw oog? Hoe keek jij naar zaken in je leven? Had je een negatief oog, oftewel een pessimistische blik op zaken, en klaagde je? Of was je iemand die dankbaar naar het positieve in zijn leven bleef kijken? Had je de ע van het woord נֶּ֤גַע (negua), plaag, weten te verplaatsen naar het begin van het woord om zo plezier, ענג (oneg) te verkrijgen? Was je van een ongezonde, negatieve zuurpruim een levensgenieter geworden?
Als je na een week van quarantaine jezelf genezen had van je onzekerheden en leegtes, dan was je weer in staat om tot de maatschappij toe te treden en uit je zelfisolatie te gaan. Wanneer je jezelf op een positieve manier kan bekijken, dan kun je dat ook bij je medemens doen. Je behoefte en beweegreden tot kwaadspreken zijn dan automatisch verdwenen.
Het grootste plezier, ענג (oneg), dat ouders kunnen hebben, is wanneer ze van iemand anders horen dat hun kind zich goed gedragen heeft. Misschien wisten zij al dat hun zoon of dochter deze karaktereigenschap had of zich zo gedroeg of misschien klopt het zelfs helemaal niet. Maar het hart van Papa en Mamma zwelt op van liefde, trots en plezier wanneer zij op een ouderavond goede geluiden over hun kind(eren) te horen krijgen. Dit is wat positieve woorden over iemand teweeg kunnen brengen.
Evenbeeld: liefde verspreiden
Wij zijn naar het evenbeeld van G-d geschapen. We kunnen G-d geen groter plezier doen dan op een positieve manier over Zijn kinderen te spreken. En dan, dames en heren, zult u zien dat het goede zich gaat uitbreiden. Het negatieve heeft dan geen ruimte meer en verdwijnt vanzelf.
G-d is diegene die het spreken in ons geschapen heeft. Dat was een gigantische maar ook riskante actie. We zijn de enige schepselen op aarde die deze kunde bezitten. Laten we deze instrumenten, onze tanden, lippen, keel, gehemelte en tong die tot onze beschikking gesteld zijn, optimaal gebruiken. Laten we woorden en zinnen benutten om goede en liefdevolle gevoelens weer te geven. Een lief woordje hier, een vriendelijke WhatsApp daar, een respectvolle e-mail of een leuk ansichtkaartje maken een wereld van verschil.
Denk na voordat je iets zegt. Heb je kritiek? Kijk eerst eens waar het vandaan komt. Zeg je het uit liefde of heb je behoefte om te laten zien dat je beter bent? Ben je de andere persoon aan het helpen of voel je jezelf onzeker?
Zorg ervoor dat je jezelf voldaan en gelukkig voelt en dan zal je een ander ook op een positieve manier bekijken.
De mens is het enige schepsel dat kan spreken. Zorg ervoor dat jouw woorden laten zien dat je een mens bent, iemand die grootsheid, waardigheid en zelfrespect uitstraalt. Met onze woorden en zinnen kunnen wij hele werelden creëren, liefde verspreiden en genezing bewerkstelligen. Wat zeg jij?
Bracha Heintz
Ter nagedachtenis aan mijn Opa die in 1942 in Auschwitz werd vermoord en al mijn tantes en ooms en hun gezinnen die nooit terugkwamen, gemarteld en vermoord, omdat niemand de leugens die over hen en over alle Joden verteld werden, tegenhield.
Gebaseerd op een les van Rav YY Jacobson
Opmaak Rianne Meijer en Sonja Tamam en Devorah Verwoerd
Klik hier om wekelijks per WhatsApp een artikel te ontvangen!
Help jij mee om de continuïteit van deze artikelen te waarborgen? Door te sponsoren word je een actieve partner en steun je ook verdere activiteiten! Doneren kan hier op chabadutrecht.nl/doneren.
Beeld: chabad.org






3 Replies to “Metsora | Jouw woorden kunnen opbouwen of verwoesten”
Wat een waarheid. Maar als ik heel eerlijk ben kijk en zeg ik ook wel eens iets over een ander wat uit mijn eigen onzekerheid of zien wat ik zelf verkeerd doe kom .Dus weer een goede les om iedere keer naar te kijken .
Heel leerzaam, beschouwend en komt altijd nadenkend bij me terug
Vandaag op de 4e mei lees ik deze parasha en ervaar dit als een pleister voor een wond.
Een wond waarin zout wordt gestrooid door de confrontatie(s)met de actualiteit. Deze parasha werpt een warm licht op vandaag.