Tag: Bracha Heintz

Waëra | Joodse identiteit: een vonkje dat nooit dooft

Waëra | Joodse identiteit: een vonkje dat nooit dooft

Jouw Joodse identiteit negeren? Dit vonkje zal nooit doven. Jodendom is namelijk niet iets wat je doet of waar je in gelooft; het is iets wat je bent. De meest hardnekkige ongelovigen in Egypte ontdekten het ook: de Joodse identiteit laat zich niet uitschakelen.

Dowload hier een printversie van het artikel (PDF)

Het was Shabbatochtend en Rav Adin Steinsaltz (1937-2020), liep in de oude stad van Yerushalayim naar sjoel en ontmoette een Israëlische seculiere professor, die een hekel aan het Jodendom had. Nadat ze elkaar gegroet hadden, ging het gesprek ongeveer als volgt:

De Professor: ‘Ik heb echt medelijden met je!’
De Rav: ‘Hoezo?’

De Professor: ‘Nou, ik ga ter ere van Shabbat eieren met spek eten! Trouwens, weet je dat het best moeilijk is om een plekje in Yerushalayim te vinden waar je dat kunt eten? Maar ik weet precies waar het wel kan!’
De Rav: ‘Interessant ontbijt! En hoe zit het met de lunch?

De Professor: ‘Oh heel simpel, voor de lunch ga ik met mijn hele gezin kreeft en garnalen eten. Daarna gaan we met z’n allen naar het strand, we nemen zoveel mogelijk spullen mee. We gaan ook nog naar de bioscoop en dan gezellig ergens wat drinken.’
De Rav: ‘Ik ben jaloers.’

De Professor: ‘Natuurlijk ben je jaloers; jij bent religieus en daardoor een slaaf omdat je verplicht bent om je aan tal van voorschriften te houden en ik ben seculier en vrij om te doen en te laten wat ik wil.’
De Rav: ‘Nee mijn beste vriend. Dat is niet de reden dat ik jaloers ben. Kijk, voor mij is Shabbat een routine dag. Het is weliswaar een speciale dag, maar eerlijk gezegd toch elke week een beetje hetzelfde. Ik ga naar sjoel, daarna maak ik kidoesh, vervolgens eet ik een maaltijd, lern ik wat enzovoort. Maar jij, jij stopt zoveel energie in de Shabbat. Jouw hele dag is helemaal op de Shabbat gericht. Je blijft niet gewoon thuis om de krant te lezen of om je lekker te ontspannen. Nee, omdat het Shabbat is, ga jij juist allerlei dingen doen die op Shabbat verboden zijn. Je bent heel geconcentreerd bezig. De Shabbat is een dag die jou diep raakt, een dag waar jij heel consciëntieus mee omgaat. Elke actie heb jij doelbewust gekozen en jouw focus is helemaal op deze bijzondere dag gericht. Wauw, daar ben ik nu jaloers op. Jij viert ook Shabbat. Jij op een negatieve manier en ik op een positieve manier.’

Tot zover het gesprek op een Shabbatochtend in Yerushalayim.

Identiteit is blijvend

Een dergelijk fenomeen observeren wij ook bij Elisha ben Awoeja. Elisha ben Awoeja was een grote geleerde uit de eerste en tweede eeuw, die na de verwoesting van de tweede tempel leefde. Awoeja werd ook wel Achér (= anders) genoemd. Hij werd zo genoemd omdat hij op een gegeven moment in zijn leven ervoor koos om de Joodse tradities te laten vallen, om anders te gaan leven. Zo wordt er verteld hoe hij op Yom Kipoer op z’n paard ging rijden, precies op de plek waar voorheen de heilige Tempel was geweest.

Als het Jodendom in zijn ogen totaal waardeloos was, waarom ging hij dan juist op de heiligste dag van het jaar, op de heiligste plek rijden? Het betekende toch allemaal niets voor hem? Waren er geen andere wandelpaden voor paarden te vinden? Als hij zo van paardrijden hield, waarom per se op Yom Kipoer en waarom per se op de meest heilige locatie op aarde? Waarom niet een rondje in de Negev of in de Golan? En waarom niet op een gewone dinsdag of woensdag?

Ook Elisha ban Awoeja was verbonden met het Jodendom. Weliswaar op zijn eigen manier, een andere – achér – manier, maar nog steeds sterk verbonden. Want ziet U, het Jodendom is niet iets wat wij doen of waar we in geloven. Het is iets wat wij zijn, het is onze essentie en dat blijft. Er is een onderscheid tussen hetgeen iemand doet en hetgeen iemand is. Je doen en laten kun je veranderen, maar je identiteit is blijvend.

Joods vonkje

Vele mijlpalen die wij in het leven hebben mogen bereiken en waar we misschien trots op zijn geven ons steun, houvast en plezier. Echter deze zaken zijn niet altijd van blijvende aard.  Soms raken ze verloren of worden ze van ons weggenomen. Ze kunnen komen en gaan. Wat altijd blijft en wat niemand van je af kan nemen is je kern, je essentie, je ware ik, je eigen Joodse vonkje, je neshama, je Joodse ziel.

Dit is ook de reden dat er in de meeste synagogen een eeuwig brandend licht is. Dit lichtje staat symbool voor het feit dat het G-ddelijke licht eeuwig aanwezig is en dat het Joodse vonkje in jezelf, de diamant in je hart, dag en nacht blijft branden.

Natuurlijk is het wenselijk om deze schat regelmatig op te poetsen en schoon te maken. Een ruwe diamant ziet eruit als een gewone steen. Ook onze ziel is soms onherkenbaar, zo bedekt is zij met viezigheid, fout gedrag en overtredingen. Elke ziel heeft een regelmatige poetsbeurt nodig om te gaan glimmen. Dat kan met behulp van Torah en mitswot. Geef elke ochtend voor dat je het huis verlaat een muntje in het tsedaka busje en je hebt je eerste schoonmaakbeurt al gehad. Ga bewust om met hetgeen je gedurende de dag in je mond stopt (kosher voedsel?) en wat er weer uit gaat (lieve woorden of kwaadsprekerij). Zo veel goede daden liggen er voor het oprapen. Pak ze op, niet alleen voor je medemens of voor G-d, maar gewoon voor jezelf, omdat het bij je past, omdat het klopt. Omdat jij uiteindelijk diegene bent die zich daar het prettigst bij voelt.

Om te overleven heeft een mens voor zijn lichaam eten, drinken en kleding nodig. Zo niet dan wordt hij ziek of valt hij flauw. Zo ook heeft de ziel voedsel nodig, namelijk het leren van de Torah. De ziel heeft ook kleding nodig en dat wordt vertegenwoordigd door het uitvoeren van goede daden. Zo valt zijn ziel niet flauw. Anders kan een mens zo maar in een soort spirituele coma terecht komen. In deze slapende toestand is hij ongevoelig voor z’n medemens en voor hemelse zaken.
Maar af en toe wordt hij door omstandigheden wakker geschud. Hij raakt door iets of iemand geïnspireerd. Of hij is op een bepaalde plek op aarde, zoals de Klaagmuur in Yerushalayim en de emoties overrompelen hem. Op dat moment heeft hij de hemel geraakt. Maar wat gaat er nu gebeuren? Zakt hij weer weg in zijn dagelijkse routine of weet hij het gevoel vast te houden en ermee aan de slag te gaan? Het is aan hem om die inspiratie te verwerken en te vertalen naar een nieuwe, andere manier van leven. Stapje voor stapje, beetje bij beetje. De opgedane inspiratie is een injectie die hij kan gebruiken. Hij is nu in de gelegenheid om wakker te blijven door zijn enthousiasme in daden om te zetten voordat hij weer in coma raakt.

Mocht de diamant in jezelf toch weer met stof en aarde bedekt worden, met rommel en viezigheid, met ongewenste handelingen en verkeerde activiteiten, toch blijft deze waardevolle edelsteen in jouw hart voortbestaan. De ziel wacht dan geduldig af om uitgegraven en geslepen te worden zodat haar licht weer kan schijnen.

‘Ook al ga je er negatief mee om, je blijft ermee verbonden.’

Hoe je ook omgaat met je neshama, je Joodse ziel, je hebt altijd met deze diamant en vonk te maken. Ook al ga je er negatief mee om, je blijft ermee verbonden. Dit is je essentie. Hier kun je niet omheen. Vroeg of laat komt je eigen ziel bij je aankloppen voor aandacht. Doe dan niet alsof het niet bestaat, val dan niet in je eigen kuil. Neem jezelf niet in de maling. Kom los van je illusies.

Verbeelden dat jij je Joodse hart kunt negeren? In wezen ben je er, hoe dan ook, ontzettend mee bezig.

Niet te verslaan

Dit was de bedoeling van de plagen, waarvan er deze week zeven ter sprake komen. ‘Kom uit Egypte, uit Mitsrayim!’. Het woord Mitsrayim, Egypte, betekent ook begrenzingen.  Elke plaag was een leermoment. Een begeleiding van G-d, om zowel de Joden als de Egyptenaren te helpen om buiten hun begrenzingen en illusies te treden om hun valse denkpatronen te doorbreken. Ze moesten begrijpen dat hoe mooi natuur en logica ook kunnen zijn, er altijd een macht is die daar boven staat en die dit allemaal controleert.

Wie is de baas van de wereld? Is het Farao die van zichzelf zei dat hij god was en dat hij de Nijl had geschapen? Of was het de Nijl zelf, die het hele land irrigeerde? In Egypte regent het nooit en de enige aanwezige waterbron is deze rivier. Maar wie heeft de Nijl gemaakt en wie is de baas over dit stromende water? Wie was bij machte om ervoor te zorgen dat deze rivier een zegen of een vloek voor het land zou zijn, een bron van welvaart of de oorzaak van ellende, tsunami’s, plagen, en overstromingen?

  • De ene na de andere plaag sloeg toe. Eerst veranderde het water van de Nijl in bloed. Vervolgens kwam uit deze machtige rivier een enorme kikker die zich vervolgens vermenigvuldigde. In de eerste twee plagen wordt ‘het almachtige water’ van de Nijl getroffen. Deze grote rivier was de bron van de hele Egyptische economie en tevens de afgod die elke Egyptenaar aanbad. De Nijl werd door de plagen volledig van zijn aanzien beroofd.
  • De plagen hadden duidelijk gemaakt wie de echte baas was. Wie was almachtig? De Nijl? De economie? Farao? Of is het G-d Almachtig die de hemel, de aarde en de rivieren heeft geschapen?
  • Wie is mijn baas?
  • Wat is bepalend in mijn leven? Mijn salaris, de koopjes, de machthebbers in mijn land of laat ik de morele waarden, zoals die in de Torah beschreven zijn, mijn doorslaggevende raadgevers zijn? 

Egyptische tovenaars probeerden Moshe en zijn plagen na te doen, maar vanaf de derde plaag lukte het niet meer. De illusionisten waren verslagen. Plaag na plaag ontdekten de meest hardnekkige ongelovigen dat G-d de baas was. Op het moment dat Farao dacht alles onder controle te hebben sloegen de plagen toe. Men bleek toch minder controle te hebben dan aanvankelijk gedacht. Alle spelletjes waren voorbij. Een plaag of ziekte laat al gauw zien wie de Allermachtigste is.

Net zomin als je G-d zou kunnen weghalen, verslaan of doen verdwijnen, zo ook is het onmogelijk om dat Joodse vonkje in jezelf te doven. Jouw ziel is namelijk een stukje van G-d dat je bij je draagt. Blijf dus wakker en houd jezelf bij de les want het vonkje blijft branden en jou bezighouden. Hopelijk op een positieve manier!

Bracha Heintz
chabadutrecht.nl

Met dank aan Rianne, Sonja en Devorah voor de opmaak.

Vragen en commentaar zijn zeer welkom en kunt U hieronder bij reacties plaatsen.
Uw positieve en negatieve feedback wordt zeer gewaardeerd!

Afbeelding bovenaan: Ner Tamid, symbool voor G-ds constante aanwezigheid.

 

Shemot | Overlevingsgeheimen

Shemot | Overlevingsgeheimen

Slavernij, vervolging, baby’s in de Nijl gooien, gaskamers en zelfmoordaanslagen. Wij bestaan nog steeds en we blijven hopen en dromen. Net als Yosef: een dromer bij uitstek die buiten alle logica om, over allerlei hindernissen in zijn leven heen sprong. Wij zijn de erfgenamen van Yosef en leren van hem de spelregels om te overleven.

Download hier een printversie van dit artikel (PDF)

Welkom in Shemot, het tweede van de vijf boeken van de Torah. Bereeshiet, het eerste boek was de inleiding. Daarin werd verteld hoe de wereld geschapen werd, over de zondvloed, de aartsvaders en de komst van Yakov en zijn gezin naar Egypte. Een inleiding van 2000 jaar is voorbij en in Shemot kan het verhaal van het Joodse volk beginnen.

Niet te verslaan 

Yakov, de derde en laatste aartsvader is inmiddels overleden. Zijn zoon Yosef, de onderkoning van Egypte, die het hele volk van de hongersnood gered had, is ook gestorven. Zijn broers en die hele generatie leven ook niet meer.

“Een nieuwe koning stond op over Egypte die Yosef niet kende.”
Shemot 8-1

Oh werkelijk, hij kende Yosef niet? Was hij zijn geschiedenis boek kwijtgeraakt of had hij misschien de krant niet gelezen? Nog nooit van Yosef gehoord? De man die één generatie terug heel Egypte van de hongersnood had gered? Rashi vertelt ons, dat hij dééd alsof hij hem niet kende.

De Keli Yakar, die Rabbijn van Praag was aan het begin van de 17de eeuw, belicht een andere invalshoek: Farao kende Yosef niet, hij was er zich niet van bewust hoe Yosef in elkaar zat. Hij begreep hem niet. Hij had de details van zijn leven onvoldoende tot zich door laten dringen. Het lukte hem niet om de hoedanigheid van Yosef te waarderen.

Had hij zich wél verdiept in het karakter van Yosef, dan was een hoop ellende bespaard gebleven voor zowel het Egyptische als voor het Joodse volk.

Had Farao wel begrepen hoe Yosef in elkaar zat, dan had hij kunnen concluderen dat Yosef niet te verslaan was. Keer op keer, ondanks alle tegenspoed wist Yosef zich weer op te trekken. Altijd maar weer kwam hij uit de put, uit de slavernij en uit de gevangenis. Net zo lang totdat hij de facto de leider werd van de toenmalige beschaafde wereld. Een figuur die alles constant overleefde.

Dromen

Waarom? Het was allemaal op zijn dromen gebaseerd. Iedereen zou voor hem buigen. Yosef heeft zijn droom en wens nooit losgelaten. Het was een droom en per definitie niet de realiteit. Want eenmaal in een put, kun je er per definitie nooit zelf uitkomen, net zo min je jezelf uit de slavernij of gevangenis zou kunnen bevrijden. Maar Yosef heeft niets met de natuurlijke orde van zaken te maken. Deze leider hanteert zijn eigen spelregels. Hij overleeft elke tegenslag en elke vijand op een totaal onverwachte en onlogische wijze. Hij springt over alle hindernissen die het leven met zich meebrengt heen.

We zijn inmiddels 4000 jaar verder. We dromen nog steeds. Ruim 4000 jaar lang proberen onze vijanden ons uit de geschiedenisboeken te verwijderen. We zijn er nog steeds en we blijven hopen en dromen. Telkens weer komt er een nieuwe Farao, keizer, koning of president die Yosef niet kent en die een hoop ellende veroorzaakt voor het Joodse volk en daardoor uiteindelijk ook voor zichzelf.

Verdwenen van aardbol

Want waar is Farao nu? En het Babylonische rijk of het zo machtige Romeinse rijk? Farao, Achashwerosh, Antiochus, Titus, Ferdinand, Hitler, Stalin, en nog meer van deze lieverdjes zijn niet alleen zélf van de aardbol verdwenen, maar ook hun volk, hun cultuur en alles waar zij voor stonden is verdwenen. Zij kenden Yosef niet. Ze begrepen het niet en het valt ook niet te begrijpen. Onze overlevingskracht valt met geen enkele logica te verklaren.

Slavernij, vervolging, baby’s in de Nijl gooien, gaskamers en zelfmoordaanslagen zullen ‘het Joodse probleem’ nooit oplossen. Het geheim is dat zij alleen ons lichaam kunnen pakken. Daarentegen is onze geest onverwoestbaar. We zijn jaar in jaar uit achtervolgd, gemarteld en op de brandstapel gezet. Joden zijn vermoord door de eeuwen heen. Joden wel, maar waar ze voor stonden en waar zij in geloofden nooit!

Yosef Yitzchak Shneersohn

In de zomer van 1921 werd de vorige Lubavitcher Rebbe, Rabbi Yosef Yitschak Shneersohn (1880-1950) door de Russische geheime dienst ondervraagd. De Sovjet Unie was namelijk geen vrij land. Men kon daar niet leven zoals men wenste. Vrijheid van meningsuiting bestond niet en iedereen die zich niet conform het regeringsbeleid uitte werd gecensureerd. Eén van de zaken die de regering verbood was religie. Het communisme liet geen geloof toe. De Lubavitcher Rebbe had echter een ondergronds systeem opgezet om het Jodendom, ondanks het toeziend oog van de geheime dienst, toch voort te zetten. Maar nu moest hij voor zijn ‘misdaden’ verantwoording afleggen. Vijftien agenten met geweren waren bij de ondervraging aanwezig.

‘Wij zijn leden van het comité dat onderzoek doet naar religieuze activiteiten’ verklaarde één van de agenten die aan het hoofd stond. ‘Op dit moment zijn we met de Joodse G-dsdienst bezig. U bent uitgenodigd om enkele vragen toe te lichten over Kabbala en Chassidisme’.

‘Ik ben al tweemaal door de geheime dienst uitgenodigd en ik heb al verklaard dat ik van mijn principes niet af zal wijken’ antwoordde de Rebbe, ‘De persoon of de duivel die mij op andere gedachten kan brengen, is nog niet geboren’.

Nog voor de Rabbijn zijn zin af kon maken, pakte één van de ondervragers het geweer dat voor hem op tafel lag en verklaarde: ‘Dit speelgoedje is bij machte om vele principes opzij te schuiven en het opent de mond van mensen die niet spreken willen’.

‘U maakt een grote fout’ antwoordde de Rebbe, ‘dit speelgoed maakt enkel indruk op mensen die niet geloven; lafaards die maar één wereld hebben en vele goden. Mensen bij wie elke lust ‘een god’ is en die bang zijn om deze wereld kwijt te raken. Maar dit speelgoed beangstigt niet een Jood die twee werelden heeft en maar één G-d. Het maakt zelfs geen enkele indruk op hem.’

Onmogelijk

Inderdaad: het is mogelijk om iemand van het leven in deze wereld te beroven. Maar net zo min men G-d verwoesten kan, zo is het onmogelijk om de Joodse ziel, de Joodse geest om te brengen. Door de millennia heen is bewezen dat het Jodendom, dat eeuwige lichtpuntje, niet te vernietigen is. Dit is wat Farao niet (her)kende. Dit is de fout die elke vijand van het Joodse volk keer op keer maakt. 

Wij hoeven niet eens naar voorbeelden uit de vorige eeuw te zoeken; op 1 januari 2020  kwamen 92.000 Joden bij elkaar in een stadion in de staat New Jersey in de VS. Zij kwamen uit de hele wereld bijeen om een Siyoem te vieren. Dat is een feest dat gevierd wordt wanneer men een bepaald Joods leerboek uit heeft en men er weer opnieuw mee begint. Zeven jaar lang, dag in dag uit, hadden deze mensen wereldwijd hetzelfde stukje uit de Talmoed (de mondelinge leer en toelichting van de Torah) geleerd. Na zeven jaar was de cyclus rond en begonnen ze weer opnieuw. Om dit te vieren waren ze bijeengekomen.

Er waren overlevenden van de Holocaust aanwezig die met hun kinderen en kleinkinderen kwamen vieren dat het Joodse volk, na 1945, vanuit een klein overgebleven zaadje weer was gaan groeien en bloeien. De Torah is wat deze 92.000 mensen bij elkaar hield. Hand in hand hebben ze in het stadion geluisterd, geleerd en gedanst. Mensen uit de hele wereld hebben elkaar daar ontmoet. Ze waren al bevriend voordat ze de locatie binnen waren gestapt. Ze waren uit de hele wereld overgevlogen, niet voor geld, niet voor lusten of oppervlakkig plezier. Het is hun Joodse ziel en geest die hen gemotiveerd had om een ticket te kopen en bij elkaar te komen om uitdrukking te geven aan de eenheid waar zij zeven jaar lang aan gewerkt hadden.

Na afloop van dit gigantisch evenement was Becky, de plaatselijke hoofdverantwoordelijke van het stadion zeer onder de indruk. Maar waarvan? Ze schreef de volgende verklaring (vertaald uit het Engels):

Beste Siyoem team,

Terwijl ik dit schrijf is het 2 uur ’s nachts en ben ik net, na afloop van de Siyoem, thuis gekomen.

Namens ons hele team wil ik mijn diepste trots en plezier uiten over het feit dat wij de gelegenheid hebben gehad om jullie te mogen ontvangen.

Toen het comité ons in juli benaderde begrepen wij helemaal niet om wat voor een evenement het ging. Wij hadden geen idee wat ons te wachten stond of wat er daadwerkelijk ging gebeuren.

Dankzij onze nauwe samenwerking begonnen wij langzamerhand een beeld te krijgen. . Naar mate de datum naderde heb ik mijn personeel ingelicht over de aard van het evenement, maar niets had ons kunnen voorbereiden voor wat er werkelijk ging gebeuren.

Duizenden tickets werden er bij de ingang gescand. Dat waren, behalve de Rabbijnen aan de hoofdtafel die via de VIP ingang naar binnen waren gekomen,  al jullie vrijwilligers en teamleden. Een aantal punten hebben een zeer diepe indruk op ons gemaakt:

1 Wij hebben een kast waar gasten items in kunnen leggen die wij kenmerken als gevaarlijk of ongeschikt. Bij een evenement van deze omvang worden er meestal 700 a 1000 items in beslag genomen en opzij gezet. Vanavond was de kast volkomen leeg!

2 Er heeft geen enkel incident plaatsgevonden dat met dronkenschap of wild gedrag te maken had. Niet één! In al die 28 jaar dat ik in de arena heb gewerkt en meer dan 300 evenementen heb georganiseerd is dit niet één keer eerder voorgekomen!

3 Alle teams waren stomverbaasd over de hoeveelheid bedankjes die wij aan het einde van de avond mochten ontvangen. Ik dacht zelfs dat de mensen daartoe opdracht hadden gekregen!

Ik vind het vreselijk jammer dat de Siyoem alleen maar één keer om de zeven jaar plaatsvindt. Dit evenement was voor ons allen een genot.

Becky Syrett
Operationeel manager

Dit was een Yosef-actie, een bijeenkomst waarbij de eeuwigheid van de Torah, van het Joodse volk en van G-d gevierd werd. Liefde, saamhorigheid, innerlijk geluk, tevredenheid en rust zijn het resultaat wanneer mensen bij elkaar komen om hun geestelijke prestaties te vieren.

Erfgenamen

Ook wij zijn de erfgenamen van Yosef. Mede dankzij hem kennen wij nu ook de spelregels om te overleven. Wij weten dat onze natuurlijke staat bovennatuurlijk is, mits wij ons via de Torah verbinden met de Allermachtigste. De feiten liegen er niet om. Na 4000 jaar zijn wij er nog. Onze vijanden kennen Yosef niet en trekken uiteindelijk aan het kortste eind. Want wij blijven dromen over vrede in stadions, in Israel en in de hele wereld, over de herbouw van de Tempel in Yerushalayim en over de Koning Mashiach.

Shabbat Shalom!

Bracha Heintz
chabadutrecht.nl

Gebaseerd o.a. op een artikel van Naftali Silverberg

Wajechie | Trauma of transformatie

Wajechie | Trauma of transformatie

Yosef, de man die zo veel meemaakt en toch altijd en overal zijn licht laat schijnen. Niks posttraumatische stressstoornis. Het lukt Yosef steeds weer om zijn moeilijkheden te gebruiken als bron van inspiratie. Zo roept Yosef ons op, om ondanks al onze uitdagingen, toch vol te houden.

Download hier een printversie van dit artikel (PDF)

Het is zo ver. Deze week lezen we de laatste parasha van Bereeshiet, het eerste van de vijf boeken van de Torah. Het is altijd bijzonder om iets af te maken en al helemaal een spannend boek vol met gebeurtenissen en intriges.

Waar eindigen we mee? Toch met een vrolijk stukje hoop ik. Nee, het eindigt met het sterven van Yosef, de held van Bereeshiet.

De held? Hoe zit het dan met Noach of Avraham of Yitschak of Yakov? Waren zij geen helden? Jazeker, maar kennelijk was G-d verliefd op Yosef. Hij blijft over hem vertellen, het ene vers na het andere, het ene hoofdstuk na het andere. Wekenlang horen wij zijn verhaal:

  • Hoe zijn moeder, Rachel, hem baart, lang nadat haar zuster al veel kinderen had gekregen en zij geen. 
  • Hoe Yosefs moeder stierf toen hij nog maar 9 jaar oud was.
  • Hoe hij op zijn 17e door zijn eigen broers uit jaloezie in een put gegooid wordt en vervolgens als slaaf verkocht werd. Wat een ellende!
  • Hij komt in Egypte terecht, waar hij dienaar wordt in het huis van Potifar. Na een tijdje te hebben gewerkt, probeert de vrouw van Potifar hem te verleiden. Yosef weigert daaraan gehoor te geven, maar zijn bazin is er niet blij mee en beschuldigt hem juist van wat zij zelf graag wilde. Yosef belandt hierdoor in de gevangenis.
  • Na tien jaar hoopt hij bevrijd te worden, maar de wijnschenker vergeet zijn bestaan te melden bij Farao waardoor Yosef nog twee jaar in bewaring blijft. Daarna wordt hij onderkoning en is zijn ellende voorbij, hoewel hij nog steeds geen contact met zijn familie heeft.

Bijzondere man

Wat een bijzondere man! Nergens lezen wij over posttraumatische stressstoornissen. Altijd en overal laat Yosef zijn licht schijnen. Op één of andere manier lukt het hem, helemaal alléén in een land vol met wreedheid en immorele praktijken, om elke gelegenheid, elke uitdaging om te buigen naar een bron van inspiratie voor zichzelf en de mensen om hem heen.

Toen hij nog bij zijn vader thuis woonde, lachten zijn broers hem uit vanwege zijn dromen. Of zoals Yakov het uitdrukt: hun tongen waren als pijlen, zie Bereeshiet 49 – 23. In Egypte probeerde zijn bazin hem te verleiden. Waarom zou hij daar niet aan hebben toegegeven? Niemand bekommerde zich om hem en niemand zou het ooit te weten komen. Van zijn vader ontving hij geen berichten want die dacht dat hij niet meer leefde en zijn broers lustten hem rauw. Toch weerstond hij de verleiding en weigerde hij om in te gaan op haar verzoek. Waar haalde hij de kracht vandaan?

Zelfs in de gevangenis, na tien jaar onterechte opsluiting, zou je toch verwachten dat Yosef zichzelf een beetje zielig zou vinden en moedeloos zou raken. In dit soort benarde situaties denken de meesten vooral aan hun eigen ellende. Maar Yosef niet. Hij overstijgt zijn uitzichtloze situatie zelfs in de gevangenis. De Torah beschrijft hoe Yosef zich zelfs daar om zijn medemens bekommert (Bereeshiet 40-6 en 7):

וַיָּבֹ֧א אֲלֵיהם יוֹסֵ֖ף בַּבֹּ֑קֶר וַיַּ֣רְא אֹתָ֔ם וְהִנָּ֖ם זֹעֲפִֽים׃

En Yosef kwam ’s ochtends naar hen toe en hij zag hen en ze waren droevig.

וַיִּשְׁאַ֞ל אֶת־סְרִיסֵ֣י פַרְעֹ֗ה אֲשֶׁ֨ר אִתּ֧וֹ בְמִשְׁמַ֛ר בֵּ֥ית אֲדֹנָ֖יו לֵאמֹ֑ר מַדּ֛וּעַ פְּנֵיכֶ֥ם רָעִ֖ים הַיּֽוֹם׃

En hij vroeg de dienaren van Farao die met hem in de gevangenis waren en zei: Waarom zien jullie er vandaag zo slecht uit?

Zo bemerkte hij  op een dag dat twee andere gevangenen er een beetje droevig uitzagen. Hij vroeg hen wat er aan de hand was. Het waren de twee dromers, de wijnschenker en de bakker. Dankzij het feit dat Yosef zich over zijn medegevangenen had bekommerd en niet alleen  in zijn persoonlijke ellende opging, kreeg hij de gelegenheid om naar hun dromen te luisteren en ze te verklaren. Dit heeft uiteindelijk zijn eigen bevrijding in werking gesteld.

Twee jaar later is het Farao’s beurt om te dromen. Het lukte noch Farao noch zijn adviseurs om deze nachtverhalen te interpreteren. Totdat de wijnschenker zich ineens de Hebreeuwse slaaf kon herinneren, Yosef, de dromen verklaarder bij uitstek.

Geheugenprobleem

Zo wordt Yosef eindelijk uit de gevangenis bevrijd. Hij verklaart naar tevredenheid de dromen van Farao en geeft de koning economisch advies. Farao is zo onder de indruk dat Yosef als onderkoning en minister van economische zaken benoemd wordt. Hiermee redt hij heel Egypte en later zijn eigen familie van de hongersnood.     

Nog voor het begin van de hongersnood in Egypte, worden er twee jongetjes in huize Yosef geboren. Yosef kiest hun namen zorgvuldig, Bereshiet 41-51:

ויקרא יוסף את שם הבכור מנשה כי נשני אלקים את כל עמלי ואת כל בית אבי

“En Yosef heeft de naam van de oudste Menashe genoemd omdat G-d al mijn narigheid en het hele huis van mijn vader heeft doen vergeten” ( נשני = nashani)

Oh ja? Was Yosef werkelijk alles vergeten? Toen zijn broers voedsel kwamen kopen, herkende hij ze wel degelijk en hij wist ook heel goed wat zij hem hadden aangedaan. Geen geheugenprobleem daar! Wat betekent dan נשני of Menashe?

Yosef was natuurlijk niets vergeten. De traumatische ervaringen die hij had meegemaakt kunnen per definitie nooit vergeten worden. Wie kan vergeten dat zijn broers hem in een put vol slangen en schorpioenen hebben gegooid? Zou iemand zich niet kunnen herinneren dat hij als slaaf verkocht werd of 12 jaar onterecht in een gevangenis heeft gezeten?

Niet permanent

Yosef kon zich zijn pijn heel goed herinneren, maar hij wist zich daarvan los te maken. Hij wist zich te verbinden met iets wat heel diep in hem was – en waar niets en niemand hem kon raken. Hij wist altijd stukjes vrijheid, liefde en eindeloze mogelijkheden in zichzelf te ontdekken.

Alles wat hij had meegemaakt was vreselijk, onuitstaanbaar en zo onterecht. Hij had het goed recht om eraan kapot te gaan. Hij was het niet vergeten, maar hij wist zich er los van te maken.

Zijn identiteit werd niet bepaald door zijn vreselijke ervaringen. Het waren zijn ervaringen, het was niet zijn persoonlijkheid. Yosef was niet zijn trauma, noch zijn pijn en noch zijn misbruik. Hij liet zich niet definiëren door hetgeen er met hem gebeurd was. De Torah verbiedt tatoeage; de buitenwereld mag ons nooit diep en permanent raken. 

Wanneer zijn broers voedsel komen aanschaffen zegt hij tegen hen: Ik ben Yosef… Met andere woorden: Ik ben niet wat er met mij gebeurd is. Ik identificeer mezelf op een andere manier: volgens iets dat hoger is dan mijn dagelijkse leven, mijn vijanden en mijn narigheden. Daarom ben ik wie ik ben. Ik ben mijn eigen baas. Omstandigheden kunnen zeer pijnlijk, naar en vreselijk zijn, maar ze bepalen niet wie ik ben. En daarom ben ik niet boos op jullie.

Onaangetaste kern

In elke situatie heeft Yosef zich weten vast te houden aan wie hij was door zichzelf los te maken (= נשני) van zijn traumatische ervaringen. Hetzelfde woord wordt gebruikt bij de verwrongen pees גיד הנשה – gied hanashe. De engel raakte Yakov en zijn heup werd daardoor ontwricht.

Nee, Yosef is zijn ervaringen niet vergeten. Zijn trauma’s zijn er nog en doen nog steeds pijn. Maar hij weet zichzelf ervan te bevrijden; zijn ervaringen bepalen noch zijn gemoedstoestand noch zijn gedrag.

Een trauma is per definitie iets wat een mens zo diep raakt dat zijn verdere leven hierdoor bepaald wordt. Maar Yosef wist ondanks alles, een onaangetaste kern in zichzelf te vinden. Deze zuivere kern heeft ieder mens in zich. Elke persoon is in staat om zich los te maken van zijn nare ervaringen en te teren op zijn onaangetaste zuivere kern en essentie. 

Maar hoe doe je dat? Door te beseffen dat niet de gebeurtenissen, die ons overkomen  bepalen hoe wij ons voelen, maar de manier waarop wij op de gebeurtenissen reageren. Stel: iemand stoot zijn hoofd. Dan kan hij op twee manieren reageren:

1) Hij kan ‘au’ zeggen en verder gaan met waar hij mee bezig was. 

2) Hij kan ‘au’ zeggen en vervolgens denken: het moet mij ook altijd overkomen! Ik heb altijd pech. Ik heb het verdiend. Alles in mijn leven gaat altijd mis. Enz… 

Dit is natuurlijk een klein voorbeeld maar het laat wel zien dat het niet de gebeurtenis zelf is die onze gemoedstoestand bepaalt maar de manier waarop wij erop reageren. Alles ligt aan onze manier van denken en die hebben wij zelf in de hand. Wij zijn namelijk in staat om onze gedachten te beheersen en te sturen in welke richting wij maar willen. Je kunt ervoor kiezen om negatief over jezelf te denken of je kunt ervoor kiezen om mooie, positieve en liefdevolle gedachten te ontwikkelen. 

Springplank

Daarna wordt de tweede zoon geboren, Bereeshiet 41-52:

וְאֵ֛ת שֵׁ֥ם הַשֵּׁנִ֖י קָרָ֣א אֶפְרָ֑יִם כִּֽי־הִפְרַ֥נִי אֱלֹקים בְּאֶ֥רֶץ עָנְיִֽי׃

“En de naam van de tweede heeft hij Efrayim genoemd omdat G-d mij vruchtbaar ( הִפְרַ֥נִי = hiefranie) heeft gemaakt in een land van mijn leed.

Efrayim betekent vruchtbaarheid en ontwikkeling. Wanneer een zaadje in de winter, in de koude, donkere aarde ligt te verrotten is het stilte voor de storm. Nu is het alleen maar ellende in de vieze modder. Toch moet het zaadje eerst ontbinden en door al die narigheid gaan. Straks kan juist door de ontbinding een prachtige boom groeien met heerlijk sappige vruchten. Eerst heeft Yosef zich losgemaakt van zijn vreselijke misères maar daar bleef het niet bij. Daarna is hij overgegaan naar de volgende etappe. Hij heeft zijn trauma’s weten te gebruiken als springplank om zichzelf verder te ontplooien, Efrayim ( הִפְרַ֥נִי = hiefranie).

Juist door zijn moeilijkheden heeft hij een hoger niveau bereikt.

Vaak klagen wij over de problemen die op ons pad worden gelegd. Toch zijn het de moeilijkheden in het leven die ons ertoe dwingen om dieper in onszelf te graven en om schatten van kracht en potentieel te ontdekken.

Een olijf moet met kracht geperst worden alvorens er smaakvolle olie uit kan vloeien. De fluorescerende staafjes moeten gebroken worden voordat ze licht geven. Een lucifer moet je langs schuurpapier schaven alvorens je een vlam kunt creëren. Schuurpapier? Au! Kennelijk is de wrijving noodzakelijk om iets te doen ontstaan wat nog mooier en nog lichter is.

We laten ons niet naar beneden sleuren door tegenstellingen en onrechtvaardigheden. Integendeel, we gebruiken deze moeilijkheden om juist verborgen krachten in onszelf aan het werk te zetten om de struikelblokken te boven te komen. 

רֹ֘עֵ֤ה יִשְׂרָאֵ֨ל ׀ הַאֲזִ֗ינָה נֹהֵ֣ג כַּצֹּ֣אן יוֹסֵ֑ף יֹשֵׁ֖ב הַכְּרוּבִ֣ים הוֹפִֽיעָה׃

“Herder van Israel, luister, jij leidt Yosef (het Joodse volk) als een kudde, Jij rust tussen de Keroewiem (de engelen op de gouden ark in de tempel).”

Wij zien in bovenstaand vers, Tehilim 80 – 2, dat het Joodse volk als geheel ook Yosef genoemd wordt. Wij kunnen allemaal Yosefs zijn en dat ultieme doel bereiken door onszelf eerst los te maken van alles wat ons zou kunnen raken en er daarna groter en beter van worden.

De zegen

In onze Parasha zegent Yakov voor zijn sterven al zijn zonen en twee kleinzonen, Yosefs twee kinderen. Menashe, het oudste kleinkind, plaatst Yosef aan de sterke rechterkant van zijn vader en Efrayim, de jongste, aan de linker, zwakke kant. Maar Opa Yakov kruist zijn handen en zorgt dat zijn sterke rechterhand, op de jongste van de twee, Efrayim, terecht komt.

“Niet zo Papa!”
“Hé, toe nou, laten we niet weer de mist ingaan. Al dat gedoe met steeds het jongste kind voortrekken boven de eerstgeborene. Hier komt alleen maar ellende van! Kijk naar Kayin en Hevel, Yishmael en Yitschak, jijzelf en Oom Esaw. Kijk naar mij, wat een ellende ik heb moeten doorstaan omdat jij mij voortrok waardoor mijn oudere halfbroers zo vreselijk jaloers waren.”

“Ik weet het, mijn zoon, ik weet het” (48 – 19) antwoordt Yakov.  

Tweemaal ik weet het? Ja Yosef, je vader weet hoe het in elkaar zit. Hij weet wie de oudste is maar ook wat de diepere betekenis is die erachter ligt. Ja, hij hoort wat je zegt, maar hoort ook wat je niet zegt. Hij weet hoe situaties lijken en weet ook wat ze werkelijk zijn. 

Menashe – je losmaken – is een heel hoog niveau, maar je doel moet Efrayim zijn, je uitdagingen als katalysator gebruiken om je diepste krachten te ontdekken, zelfs in de ballingschap. Hierdoor ga je enorme vooruitgang boeken. Omdat de vruchtbaarheid en de ontwikkeling door de naam Efrayim vertegenwoordigd worden en omdat Yakov die aspecten als de voornaamste zag, deed hij zijn sterke hand, de rechterhand, op Efrayim, de jongste zoon.

Kracht om vol te houden

Zo eindigen we Bereeshiet: met een held die zelfs in Egypte (ballingschap, duisternis en moeilijkheden) en juist omdat hij zich in Egypte bevindt, weet te groeien en te bloeien. 

Yakov verzoekt dat na zijn sterven zijn lijk meteen naar Israel gebracht zou worden om hem daar te begraven. Maar toen Yosef stierf, ging het anders. Yosef koos ervoor om ook na zijn sterven in Egypte te blijven. Zijn lichaam werd pas later bij de uittocht uit Egypte naar Israel gebracht en in Shechem begraven. Zolang er nog Joden in Egypte waren zou Yosefs lichaam daar blijven. Yosef was een leider die zelfs na zijn sterven zijn volk niet verliet.

Na het eerste boek volgt Choemash Shemot, het tweede boek. Hierin zullen de ballingschap in Egypte en de slavernij van het Joodse volk in alle details worden besproken.

Graf van Yosef nabij Shechem

Waar hebben de Joodse slaven de kracht vandaan gehaald om als volk te overleven? De kracht kwam van Yosef, een man die maling had aan moeilijkheden en trauma’s, een leider die zelfs na zijn sterven zijn volk niet wilde verlaten. Het Joodse volk heeft kracht weten te putten uit het feit dat Yosef zelfs na zijn sterven in Egypte is gebleven.
Zowel zijn aanwezigheid en alles wat hij vertegenwoordigde hebben het Joodse volk moed en kracht gegeven.

Toen en nu ook inspireert Yosef ons om het leven in ballingschap vol te houden. De slavernij is nu anders dan toen. We worden niet meer met een zweep geslagen als wij niet genoeg produceren. Toch loert constant gevaar voor ons volk.

Slapende krachten

Ook inwendig worden we met slavernij geconfronteerd.  We zijn verslaafd aan allerlei zaken die ons in bedwang houden en waar we ons maar moeilijk van los kunnen maken: gewoontes, sigaretten, alcohol, internet, smartphones…

Yosef inspireert ons om slapende krachten te ontdekken en te ontplooien. Hij leert ons dat wij allemaal een vonkje in onszelf hebben dat door niemand en door niets geraakt kan worden; dat is onze ziel, onze neshama, een waar deel van G-d dat in iedere persoon aanwezig is. Net zo min als je G-d kunt verwoesten kun je ook niet de ziel in jezelf kapot maken. Die ziel geeft ons de kracht om natuurlijke ballingschapsgrenzen te doorbreken, om zelfs in de gevangenis en in de slavernij vrij van geest te blijven en onze begeertes, verleidingen en verslavingen te beheersen.

Net zoals Yosef zich aan zijn broers heeft geopenbaard, vragen wij aan G-d om zich aan ons te openbaren en het messiaanse tijdperk in te luiden.

Zo eindigen wij Parashat Wajechie en tevens het hele boek Bereeshiet, met het sterven van onze ballingschapsheld Yosef en het bijzondere feit dat hij er voor koos om in Egypte te blijven zelfs na zijn overlijden. Wanneer het verhaal uitgelezen is roept iedereen luidkeels een uitdrukking uit die na het bereiken van het einde van elk van de vijf boeken gezegd wordt:

חזק חזק ונתחזק

“Wees sterk, wees sterk en laten wij onszelf versterken!”

Bracha Heintz

Gebaseerd op een les van Rav YY Jacobson.
Tekst: Bracha Heintz | Opmaak: Rianne Meijer & Sonja Tamam & Devorah van der Heiden

Even voorstellen

Samen al meer dan 30 jaar in Utrecht aan het werk: rabbijn & rebbeztin Heintz! Lees meer..

Vrienden Joods Utrecht

🕯️🕯️ Shabaton Utrecht🍷🥖

Chanoeka 2020 terugkijken

🎥 Masterclass Joods Monument

Op deze bijzondere locatie in Utrecht vertelt Bracha Heintz over de Joodse geschiedenis van Utrecht en blies Rabbijn Heintz op de sjofar. Bekijk ook de bijdragen van Wim Rietkerk en kunstenaar Amiran Djanashvili. Meer foto’s hier.